Schrijfgelegenheden komen en gaan. Wedstrijden, uitdagingen, oefeningen, … al poot ik hier niet alles meer neer. Ik beschouw het eerder als werkmateriaal. Vooral voor deelname aan wedstrijden.
Wat ik wel wil delen is deze uitnodiging, die komt uit ‘Het geluk van de schrijver’, Eenvoudige poëzietechnieken 9.
Adagio
Mals en sappig valt neer in adagio
het natte goud absorbeert Moeder Aarde
opstaan in pyjama buiten fijn stof spoelt af huid, haar, hoofd, hart weer zuiver
Een mantinade per dag, houdt mijn hart aan de lach.
Bij een samenkomst van de*M’s, nog voor Kerst vorig jaar kreeg ik een scheurkalender uit Kreta cadeau. Elke ochtend scheur ik nu twee blaadjes af; een van de Druivelaar en een van de Kretenzische.
Op Facebook wil ik al eens een mop(je) van de Druivelaar plaatsen. Maar wat met deze van Kreta? Dat is dat extra koffiemoment ’s morgens, om de achterkant van dat kalenderblaadje van gisteren te ontcijferen en nog wat bij te leren.
Ik ben nog eens op tocht gegaan door cyberspace om wat te vinden over mantinades:
Mantinada (enkelvoud van mantinades): tweeregelig vers, op Kreta gezongen en begeleid door de laouto (luit) en de lyra (lier). Een Kretenzisch lied bestaat vaak uit verschillende mantinades. Strofen uit mantinades worden kontyliës genoemd. Toevoeging: ze blijven vaak lang duren, die liederen met mantinades… (bron: skopos.be)
Een voorbeeld van Kretenzisch cultureel erfgoed:
“Ότι και να ‘χει ο Κρητικός με λόγια δεν το λέει με μαντινάδες χαίρεται, με μαντινάδες κλαίει! “
“Met woorden alleen kan een Kretenzer zich niet uiten Mantinades laten hem lachen en huilen, tranen met tuiten”
(bron: explorecrete.com)
Mantinades gaan vaak over liefde, verliefdheid, verlangen. Het kan ook humor zijn of een wens voor iemand uitdrukken (bij feestdagen bijvoorbeeld) of satirisch, cynisch, …
Dé mantinade die voor mij heel universeel is :
Ποτέ μου να μην σ’έβλεπα, πάλι θα σ’αγαπούσα. Γιατί μέσα στα ονειρά μου, συχνά σε συναντούσα.
(uit Μιλώ μιλώ, uitgevoerd door M. Tzouganakis, tekst: traditioneel lied, mondeling doorgegeven)
vertaling met een poging tot rijmen: Zelfs al had ik jou nooit gezien, toch zou ik van je houwen, omdat ik jou in mijn dromen al dikwijls mocht aanschouwen)
Het is geenszins het tipje van de ijsberg over mantinades, het is enkel een aanzet tot overbrengen waar ik wakker van blijf…
Foto’s: 1. De mantinade van vandaag (aan de achterkant van het kalenderblaadje van gisteren): poging tot rijm bij de vertaling
Ik wil graag dat je van me houdt, ik houd ook van jou om een uniek juweel te zijn, in dat hart van jou
2. Omslag van mijn slimme foon 😉(omslagen verslijten, mantinades niet)
Schrijfgelegenheden komen en gaan. Aan sommige neem ik deel, anderen glijden voorbij. Ik vraag me niet af of dat dan gemiste kansen zijn.
Deze gelegenheid is een van de leerzame, zoals een schrijftechniek voor poëzie. Ze komt van Canxatard in haar blog ‘Het geluk van de schrijver’.
Ik leerde ook liefde en zelf mijn haren verven…
Ik leerde lopen en ook praten het kwam misschien wat laat
Al dat proberen, zelfs geboren worden ik wist niet hoe dat gaat
Laat zoals de achteraffer van Annie M.G. Schmidt
Toen het toch gebeurde duurde het even voor ik fier zei: ‘Kijk, ik zit!”
De crèche de school en het gezin de buren en de vrienden
Al dat proberen zelfs mijn best doen hoofd op hol van wat ik uitkiende
Kiezen en verliezen winnen was een utopie
Al dat proberen ik tuurde maar raak naar dat wat ik niet zie
Ik was jou ik was hem ik was haar ik was hier ik was weg ik was daar
Al dat proberen pedagogiek gestuurd soms was het best wel zwaar
Ik leerde lezen schrijven dansen het ging misschien wat traag
De ene job en ook de andere liep in en ook eens uit de pas woonde hier of daar wat vaag
Ik leerde doen wat gangbaar is ook schuldig en geniep onkuis
Het ene mag gezien dat is normaal het kleinmenselijke gaf gedruis
Ik leerde zingen en ook Grieks al is ’t soms buitenmaats
van onderweg zijn nooit genoeg doch liefst niet op de schaats
Doorheen dat alles en dat leven onevenwicht en balanceren
Waar ik ben en waar ik ga wat ik leerde en wat niet
Is één mens die altijd bij mij is dat ben Ik en u – gelukkig – niet …
Weet u het al, wat ik heb geleerd… voelen aan mijn eigen barometer die heeft het nooit verkeerd
Schrijfgelegenheden komen en gaan. Ik was er vorig jaar al mee begonnen en bij tijd wijle zal ik er dit jaar mee verder gaan. Wedstrijden, uitdagingen, oefeningen, …
Deze is nog van vorig jaar, voor het ontstaan van mijn Woordenrijk. Er glipt al eens een blokje kaas door de mazen van het net.
Ze gaan uit de bol, de mensen op de tafel als ik mijn kroost gedurfd verlaat en dat voor wat kaas en restjes over
Ik ben beroemd, een bejubelde uitslover op dat groot geschreeuwd festijn mag hun live zingen graag toch beter zijn
foto’s: muis: op de website van gezond leven heb ik die terug gevonden, al bestaat ze ook ergens op een Twitter-account. kaas: uit pexels.com en daar deze close-up
De onbevangen wereld van gisteren
ik treinde er gewoon heen en reed mee
Om daar te zien
De twee- en de tienjarige
vier handen op één buik
Vanzelf!
De zeven- en bijna zevenjarige
beste vrienden
Vanzelf!
De volwassenen daar was ik ook
hoe kon ik weten nog onderweg
De handen op die buik
de beste vrienden
of volwassenen daartussen
Moest ik kiezen?
En tussen de verjaardagstaart
de pannenkoeken en de pakjes
Koos ik niet
elk moment na elkaar
was ik er gewoon
en daarna weer weg
onderweg naar terug
Met een zomaar gedachte
af en toe weer twee te zijn, zeven of tien
Hoe onbevangen zou de wereld er uitzien?
Het onderweg zijn
Tussen hier en daar en later omgekeerd was ik onderweg
Eerst, hoe kan het anders, de heenreis, van trein tot trein tot
Brugge station tot Ensor, en wat een ontvangst daar zeg!
De voorstelling waarvoor ik naar Brugge treinde, voor die ene keer
een mens permitteert zich soms eerste klas en dat in dubbeldek
Die elfde van de elfde, niet van hot naar her of kriskras, veel eerder
doelgericht en stapvaardig, hongerig, met goesting zonder omweg
Vooraf de reden van mijn reizen, kuieren in verlichte straatjes
en achteraf de na wandeling met een verse herinnering
Die nog nazinderde aan het ontbijt, mijn statische onderweg
zo warm en uitgebreid, ik ben Rupsje nooit-genoeg zonder overleg
De dag na de elfde, in Brugge de twee derde zussendag
straatjes verlicht door de zon al toen, de koffie en het buiten zijn
De babbels en de winkels, de pretjes en de lunch en dan toch weer
mist treinend onderweg naar terug, tussen al dat volk in dubbeldek
De zeurmadam, hoe durven ze toch, zo bomvol ook in eerste zitten
gelukkig niet ontspoord, wel vertraagd, ze staakte het gesprek
De overstap was rustiger, eerder bomleeg, zelfs in tweede klasse
tot onderweg, de treinbegeleider, correct doende om zijn bestaan
Van die jongeman, hij sliep zo diep, niet onderweg naar Isfahan
de trein bleef stil in Sint-Niklaas, er kwam politie aan te pas
Weer een overstap naar een veel stoppende trein
zouden er in elk station nog veel overstappers zijn?
Die man, een beetje groezelig, verdwaasd of was hij verdwaald?
zag hij iets wat wij niet zien? Werd hij bang? Had hij niet betaald?
Ik zag hem later zwalpend lopen en ook blijven staan
waar ik uitstapte, over enkele vuilbakken, kijken, heel alleen
En ik wist niet wat gedaan … tot hij weg was, waarheen?
AMK – 14 november 2022
ps. de jongeman was een zwartrijder, had niet betaald dus. De treinbegeleider heeft net voor de politie kwam nog wat verhalen verteld. Wat drijft mensen tot kleine en minder kleine daden zoals deze? Hij was goed in zijn rol, ik was er ook mee weg, dat er iets scheelde tot ik het bericht las. Duur ticket geworden voor hem, jammer.
Reünie
Het was een op een zondag, na een periode die oneindig leek
bij het focussen op dat ene wat we allemaal wilden
Het was gisteren, die zondag, na een periode die korter kon
maar u weet ook hoe dat was de afgelopen twee jaren
Het was op 13 november, van dit jaar nog, de maanden na
de afgelopen twee jaren en de periode er net voor
Nog moeilijk voor hem en mede voor ons, dat appartement,
hoe neemt iemand afscheid zo acuut van wat je laatste thuis was?
Neemt men echt afscheid? Laten we missen voldoende toe?
maar op een keer was het dit jaar, drie september, de grote stam
Dat is deze familie, een grote stam, een stevige stam, genoeg
plaats voor iedereen en dat vierden we toen bijna allen samen
Als onze grootouders het nog eens konden zien, hoe we daar zaten
hoe we dan afspraken hoe hij, die toen zo acuut elders moest wonen
Hoe hij toch weer warm gemaakt kon worden voor zijn stam
zijn generatie, er zijn er nog vier, en hij werd er warm voor
Wat een plezier, wat een vreugde bij iedereen en al zei hij het niet
hij keek er vast en zeker ook naar uit, de dag, die gisteren was
De reünie met zijn broer en zus, die hele weg naar hier afgelegd
enkele nichten/neven en de gedachte aan haar die er niet kon zijn
En toen was het paparazzi tijd en heel veel gebabbel, raken we daar ooit nog uit? 😉
De jeugd
Lucia loopt vóór mij
maar ze is het niet
Ik loop achter haar
Rood haar, nog even groot als toen
Benen beetje x-vorm
en haar manier van lopen …
Waar ben je Lucia?
Rood haar.
Waar is m’n jeugd?
Lucia, πού να ‘σαι τώρα ?
Ik loop je voorbij
Bijna aan de deur
van het station kijk ik om
Zij is het niet.
En ineens lijkt haar haar minder rood
Ze is weg, Lucia
M’n jeugd is weg
Dag Lucia, dag jeugd
We hebben toch mooie tijden gekend toen.
Koffie in het stationscafé.
Wat ik allemaal zie hier
Kleurrijk meisje
Japanse jongen
ze lachen naar elkaar
ze stappen op
Bleke mevrouw, blond
helemaal in het zwart
rookt, drinkt koffie, noteert in haar agenda
Kale man, tegenover haar,
oorbel, lichtblauwe pul, jeans.
Ze praten.
Vijf mannen aan één tafel,
naast mij.
Ze roken,
veel,
vreemde taal,
mooi.
Die mannen hebben donker haar.
Rare man, wat verder af,
Groen hemd en rode pull
hij eet, drinkt koffie,
maakt gebaren naar iemand,
die er niet is
Zwarte man,
kijkt naar mij,
door het raam,
loopt voorbij,
Jamaicaan ?
leuke pull, sportief
Mooi, zijn haar
Dunne halflange dreadlocks
in een staartje
kleurrijke haarband in het pikzwarte haar.
Treinmijmeringen
Lezen, kijken en niet in slaap vallen
Reizen en denken
aan die kleine dingen die gebeurd zijn
die ik vandaag gezien heb
Dat kindje,
dat zo lachte
vooral als mama haar ondersteboven vasthield
iedereen eromheen lachte mee,
gewoon automatisch
krul aan een kant
krul aan de andere kant
van elke mond
een glimlach
een volle lach
een glimp van een lach
iedereen lacht
Die mevrouw in de rolstoel
wacht, met haar boodschappen
vers gekocht op de markt
De bieb,
m’n boeken,
eindelijk ingeleverd
twee weken te laat
boete
is voor de volgende keer
en de wandeling
naar het station
waar ik heel even
Lucia tegen kwam
Het station
in het café
ze hebben me gezien daar
En op het perron
de zon schijnt
op de sporen
de kabels in de lucht
komen samen
net voor de horizon
en die trein die ginder ver rijdt
ziet troebel
alsof het veel te warm is
zo’n bibber in het beeld
weet je wel
Gelukkig is het niet druk
kan ik nog even verder mijmeren
AMK 20004
Soms blader ik eens door mijn schrijfsels en bekijk ik wat er van gekomen is. Dit gedicht was geschreven in de laatste les van een serie van vier workshops ‘Van gedachten naar gedichten’ bij Wisper. We kregen toen les in een ontbijtzaal van een B&B annex restaurant. Eerst mochten we foto’s maken en daarna iets over onze ervaring schrijven a.d.h.v. die foto’s.
Wat kan je in een spiegel zien Meer dan wat er al is De verwachting nog ongewis Zonder ontbijt in die kamer Dichter bij de nog-een-afzakkertje uren
Rond de tafel, al schrijvend wispelturen Lege kapstok om aan te hangen Dat onverwachte, wat rijmt of niet Ritmeert of vloekt, lang in ’t kort
Van wanhoop tot verlangen Zouden ze meekijken, daarboven zo aan het hangen?
Eindeloze taal, in zesentwintig letters Ja, er is veel meer dan dat wat je in een spiegel ziet