Mijn zomerse buien en cultureeltjes *

Hoe vrolijk ik ook aan de zomer begonnen ben, de vrolijkheid is niet blijven duren. Ik wil er niet over nadenken of uitleg aan geven, noch aan u, noch aan mezelf. Het is soms wel en soms helemaal niet aan de orde, die bezigheden in het leven.

Desalniettemin gaat dat leven toch verder. Ook de zomer van dit jaar.

Dat waarmee ik begon, doe ik verder, het beginwoord en het eindwoord elke dag. Meestal gaat dit wel goed, behoorlijk en zo gebeurt er elke dag toch iets. Zelf vind ik het fijn op deze manier te werk te gaan. Ik start mijn dag met iets concreets, er is een focus.

Zo was er gisteren het woord filteren en lossen. Dat zijn er twee. Dat mag ook. Het werkte. Wat ik allemaal van me afschudde, was een hele hoop. Daar verveel ik u niet mee. Nu toch nog niet.

Het zal de herfst van dit jaar wel even anders kleuren. Het voelt zoals het voelt. Het maakt dat ik enkele verwachte patronen, die ik hier toch al heb opgebouwd in mijn driejarige bestaan in Antwerpen, achter me ga laten (of even opzij, we zien wel) en andere impulsen volgen.

In dat opzicht had ik een bedenking, zomaar uit mijn pen gekomen (een echte vulpen overigens), het kon de uwe zijn, daar ben ik van overtuigd.

Soms voel ik me in een verhaal geduwd, dat het mijne niet is.

“Bent u al eens in het verhaal van iemand gekropen?” (ik wel)

“Wat dacht u toen?” (ik dacht wel eens, hoe kón je dat nu zó doen!)

“Zei u dat dan ook?”

“Kwam dat overeen met het gevoel van de eigenaar van het verhaal?”(ik denk dat ik soms zelfs niet eens gevraagd heb of getoetst)

Tot …

“Is er ooit iemand in uw verhaal gekropen?” (bij mij wel)

“Heeft die persoon u verteld wat hij/zij dacht?” (en of! Met oplossingen en het hele zootje, waar ik toen geen behoefte aan had)

“Hoe voelde dat voor U”? (Voor mij, met mijn verhaal? … )

“Was het (dus) úw verhaal nog?”

Lastig hé?  

Oh ja, ik doe wel dingen natuurlijk. Eén van mijn cultureeltjes is lezen.

Ik voer een ware queeste naar een boek, waarvan ik de titel niet ga vertellen. Het is mijn queeste. Voor vorige zondag ben ik naar Lillo geweest. Het was boekendorp dat weekend. Met het voornemen om niets of bijna niets te kopen. Dat is wel gelukt, dat bijna niets. Er is nog steeds de bibliotheek natuurlijk, waar veel te vinden is. Heel tof waren die enkele gesprekken met boekenmensen. Zo is er dat koppel (vermoed ik toch) dat vertelde dat hét boek van mijn queeste moeilijk te vinden is. Wie verkoopt dat ook natuurlijk. De vraag is, waarom de queeste? Het is Ithaka in het klein. Die man vertelde dat het zot is om zo’n boek terug te brengen naar de bibliotheek. Daar had ik het ooit geleend en braaf terug gebracht. Grappig die opmerking van die man. Ik heb ook ooit een boek geleend uit een academie waar ik ‘Voordracht’ volgde (zo heette de opleiding toen), met allemaal Griekse gedichten vertaald.

Dat boek heb ik terug gevonden bij mijn verhuis. Op een dag was ik de dozen met boeken toch maar aan het uitpakken en aan het ordenen in mijn kast. Het boek kwam mij tegen. Nooit iets van gehoord vanuit die school. Niet verder zeggen hé. Ik denk overigens dat er twee exemplaren van waren in die school. 

Ik las ook boeken, uit de bieb. Een gouwe ouwe, het zal mijn zus verblijden, van Willem Elsschot ‘Het dwaallicht’, actueel als je het mij vraagt (dat mij vragen moet niet hoor). 

Het boek van Sigrid Spruyt, ‘Dagboek van een anker’ heeft nogal indruk op mij gemaakt. Hilarisch op een fenomenale cynische manier. Heel goed geschreven. Recht vanuit de buik! Het laat vragen achter zoals: “Waarop en waarom stemmen wij? Op basis van welke informatie?” Voorgekauwd door de media. Er is overal wel wat. Toch, als je naar het nieuws kijkt op de zender waar ze nieuwsanker geweest is, zie je toch een beetje van waar de wind komt? Is het een beetje teveel gevraagd om wat meer neutraliteit aan de dag te brengen? Voor mij mocht het boek best cynischer. Het was, denk ik, gewoon raak! Alleen ben ik wat lui om het fijne ervan uit te zoeken. Ik zoek wat meer vrolijkheid – op mijn manier, kop leegmaken – geen zuurtegraadverhoging door het uitzoeken van de werking van journaals, voor mij. En toch, Sigrid Spruyt heeft een fan in mij.

Tijdens de museumnacht – 3 augustus jl. – ben ik naar De Reede geweest en het Letterenhuis. Beiden waren heel boeiend, maar de rondleiding in het archief in het Letterenhuis vond ik wel het boeiendste. De zoon van Hubert Lampo vertelde over de scripts van zijn vader. We konden het ook zien. Geschreven, getypt op zo’n typemachine van ‘vroeger’ en vele keren doorgehaald en verbeteringen bij geschreven in de marge enzovoort. Blijkbaar gebruikte hij ook graag kleurtjes en werkte met stiften. Het was zeer de moeite. In De Reede loopt een tijdelijke tentoonstelling van Picasso, ‘La Celestina’, die hebben we kunnen zien op die nacht (nu ja, avond). Het werd voorafgegaan door een voorstelling over La Celestina op de trap. Dat was wel mooi, ludiek en vooral goed, als in professioneel goed. ‘Es la Historia de un amor, como no hay otra igual’. Dat lied herkende ik direct. Dat staat op een CD van Dalaras, ‘Latin’ … waar ook in het Grieks vertaalde liedjes staan, op die mooie Spaanse muziek, of is het Latijns-Amerikaans?

Toen was Nigel nog niet daar … 😉

Op een avond, de vijfde augustus ben ik nog eens naar een atv vertelling geweest. Nigel Williams! Ik had hem al eens gezien en gehoord, zoals ik al schreef op Wereldvluchtelingen dag. Hij is subliem in zijn cynisme dat niet eens zó scherp is maar wel duidelijk. Wat zei hij? Elkaar een beetje helpen (waar nodig, … mijn aanvulling vanuit mijn huidige bestaanservaring). Het is zo. Ben je ooit vrolijk geworden van haten? Loslaten vind ik fijner. Het brengt geen zoden aan de dijk, al dat haten, al die controle over anderen, ook zelfcontrole. Ik word er zelf krampachtig van. Doe het maar eens na, in humor, in je tweede taal (hij is Engelsman, zijn optreden deed hij in het Nederlands), met de essentie van het leven komen aanzetten, ook wanneer hij mensen plaagde. Ik zeg bewust niet pesten, ook al zou je dat kunnen afleiden uit wat hij soms zei over mensen (die bijvoorbeeld vroeger vertrokken).

Meer ontdekkingstochten worden geschreven … 😉

* in feite houd ik helemaal niet van verkleinwoorden, behalve wanneer ík ze gebruik … (dat is een grap, had u ‘m?). … behalve wanneer ze gebruikt kunnen worden als verzelfstandigde adjectieven en dan in verkleinwoord gezet. Bijv. cultureeltje, dat bestaat niet echt als zelfstandig naamwoord. Cultureel ook niet. Iets is cultureel. De of het cultureel op zich, zelfstandig gebruikt dus niet. Vandaar… (taalziek mens ben ik).