Over energieleverancier en bonussen in de Na-dagen

– Zes januari

Vandaag heb ik de energieleverancier gebeld omdat ik eventueel zou kunnen recht hebben op een bonus. Die bonus, deels terugbetaling van de factuur wegens onvrijwillig zonder werk, staat mooi in beeld gebracht op hun website. De bonus werd in voege gebracht op 1 juni 2018 en is voor mensen die onvrijwillig zonder werkinkomen vielen. Twee maanden en twee dagen eerder was ik, op meermaals aanraden van de oncoloog, in ziekteverlof gegaan.

Een telefoontje en chat later, leer ik dat ik niet in aanmerking kom. Te vroeg ziek geworden! Maar ik ben wel al langer klant. Trouwheid wordt niet beloond. Tja, nu ik het nog eens goed nakijk … ze werken samen met een verzekeringsmaatschappij. Zeker ben je wel natuurlijk … van uitgaande betalingen.

Gelukkig zijn er ook kleine fijne dingen die een dag groter maken, een fijne ontmoeting, een mooi weertje, een fietsommetje en een cadeautje dat ik kreeg van mijn schoonneefje (de vriend van mijn broer zijn dochter, kan u volgen?). Best fijn!

Nog steeds niet getreurd. Het is Happy Monday deze eerste maandag van de maand. Ik speel zonder te verliezen wegens toch een kleine bonus. Help! Ik win het dubbel én ik krijg de bonus. Zomaar zonder trouwe klant te zijn. Iets is steeds beter dan niets, ook al is het een mini overwinningske.

– Zeven januari 2020

In 2018 ben ik veranderd van energieleverancier, blijkbaar is het gezond om regelmatig te veranderen. Dat was vroeger wel eenvoudiger. Als die van toen, nog groen waren, bleef ik daar. Overigens zijn ze behalve niet groen genoeg ook nog eens te duur. Na mijn telefonisch avontuur van gisteren, wil ik de markt nog een keer exploreren.

Compleet verloren ben ik, in de zoektocht, die structuren: wie wat doet, bij de ene een aandeel kopen, bij de andere niet groen genoeg …. Eén mini lichtpuntje denk ik te hebben, een staartje aan dat verlichtend contact van gisteren, waar ik in verder graaf. Op zoek in de eenentwintig pagina vol getikte voorwaarden. Op pagina 17 stond het … invalide verklaard voor minstens 66%. Dat statuut heb ik vanaf einde maart 2019. Misschien dus toch?

[3.3.1. Onder volledige invaliditeit wordt begrepen:  de tijdelijke en/of blijvende, volledige invaliditeit als gevolg waarvan , waarvan het percentage invaliditeit minimaal 66% en maximaal 100% bedraagt. De blijvende of tijdelijke vermindering van de arbeidsgeschiktheid wordt door het ziekenfonds vastgesteld.]

Ik waag mijn kans deze dag waarop twee van mijn vrienden ergens in Europa verjaren. De medewerker van de klantendienst is wel vriendelijk, maar meldt me toch dat de eerste datum ‘zonder inkomen’ geldt. Deze keer word ik niet boos, ik blijf kalm en vertel kordaat dat het zo niet in de “syllabus van voorwaarden op pagina 17” staat. Daar staat klaar en duidelijk Invaliditeit van 66% of meer! Hij gaat het aan zijn meerdere vragen. Die blijkt het ook niet zo duidelijk te weten, maar ze gaan wel een dossier opstarten voor mij, want ik heb wel een punt. Toch al één punt.

Komt er nog bij dat ik (kleine) zelfstandige was en ik mijn statuut pas ook op die datum volledig heb stopgezet. Door dat stopzetten van mijn statuut vermijd ik ook provinciebelastingen in Limburg (waar ik niet meer woon noch werk).

Dat kan ook meetellen. Zo gezegd zo gedaan. Vijf minuten later ontvang ik een sms bericht van hun verzekeringsmaatschappij met de vraag om ‘alle documenten en attesten met betrekking tot mijn vraag’ per e-mail te versturen. Welke documenten? Gelukkig heb ik er wel, van het RIZIV en mijn ziekenfonds wil dat ook nog eens extra verzenden. Het is nu verstuurd. Ik ontvang een no-reply mail. Ze gaan mijn verzoek zo spoedig mogelijk behandelen … wordt hopelijk gunstig vervolgd.

Hadden we ooit een minister van vereenvoudiging van administratie (of zo iets) ? En waarom komt er  een beeld van Quick en Flupke zomaar in een flits voorbij?

– 8 januari 2020

Vandaag heb ik de flem*. Ik word wakker in kleine paniekjes, dit nog doen, dat niet vergeten, die nog antwoorden, nog een telefoontje plegen om afspraak te maken … waar het vandaan kom. Joost? Weet jij het?

Het is voor mij al lang niet meer erg. Ik kan het zelfs omarmen. Als het er is, dan betekent het ook iets. Die paniekjes verklaren zal ik ook niet, noch ze overwinnen. Ik geef ze een plaats, bekijk ze en kom dan in beweging. Meestal weet ik het niet eens meer na een uurtje waarover het ging. Overigens, u herinnert het zich vast nog wel … ik schrijfmediteer bijna elke ochtend en daar kan ik heel wat in kwijt, vooral de controle over wat ik voel. Het is er, doe er wat mee, laat het niet sudderen! (zeg ik streng tegen mezelf). Niet alles hoeft de hele tijd aangenaam te zijn.

Dan pleeg ik het eerste telefoontje, dat ik volgens mij moet doen.  Afspraak vastgelegd. Oef!

Er valt me te binnen dat ik gisteren twee brieven uit mijn brievenbus heb genomen, en nu zijn ze onvindbaar. Samen met de reclameblaadjes in het oud papierdoosje mee gedeponeerd? Neen!

In het halletje, op het kastje waar ik mijn sleutels neerleg en mijn handschoenen en andere tegen weer en wind bestendige attributen? Neen! Ook niet in het laatje van dat kastje. Nog een plekje?

Misschien tussen die papieren die ik aan het uitpluizen en opruimen ben? Neen!

Nog één plek! Beneden aan de algemene voordeur, waar alle reclameblaadjes liggen die niet mee genomen worden (en wekelijks bij het oud papier belanden, we proberen het proper te houden hier). Ja! Yes! Ναί! … tussen de Albert Heyn en Aldi blaadjes! Hoe doe ik dat terwijl ik mijn blaadjes meegenomen had?

Overigens heb je dat plantenaanbod gezien? Dat wil ik best eens proberen. Er zijn weer kriebels om mijn ‘kot’ nog eens om te toveren tot echte woonst! Gezellig wel, die grote planten voor het raam.

Geloof het of niet, ik maak u niets anders wijs, vandaag verjaren er weer twee mensen die ik ken 😉.

Het is een beetje saai, maar ik ben echt aan het schrijven over dingen die wat meer tijd nodig hebben om leesbaar te zijn voor u. Voor een keer of twee niet over Mie, mezelf en ik. Wie weet een vervolgverhaal …

* de flem hebben: geen zin hebben, een beetje niet goed voelen, vergelijkbaar met een baaldagje. Dit woord is al mijn hele leven in mijn woordenschat, het zal wel iets plaatselijks zijn. Zelf vind ik het een mooi woord, zelfs gebruikt in een Hasseltse revue.

Saai zijn mag, zolang we maar niet al te gewoon worden, ongewoon en ongevaarlijk, hoe klinkt dat als combinatie?

Nog enkele gezellige Nieuwjaarsdagen

Dit is niet echt mijn periode van het jaar, te donker, te gemaakt, te druk. Te… blijkt nooit goed te zijn. Net niet te is wél welkom. Januari, er zijn nog steeds nieuwjaarswensen en bijhorende receptie. Voor mij is het goed geweest. Ik ben (al, weeral of nog steeds) volop bezig met ontspullen. Hier houd ik wel van, mijn woonst grondig opruimen. Het voelt als mijn leven opruimen. De oude dingen sorteren weggooien, weggeven of tweedehands verkopen. Alsof ik de plaats innemende muizenissen en nergens toe dienende gedachten, steeds terug kerende onrust bij het groot huisvuil zet.

Officiële dingen die meer dan tien jaar oud zijn bijvoorbeeld. Aan flarden scheuren en weggooien. Ze gaan over de praktijk waar ik werkte. Op die manier zie ik mezelf toch nooit meer aan de slag gaan, dus waarom zoveel bijhouden? … Laat ik u met wat anders vervelen, die eerste nieuwjaarsdagen.

Nieuwjaarsdag: Iets teveel gegeten …

Dat was rustig, dat was gezellig en voor mijn grote zus handig, want mijn grote broer heeft haar rookmelders opgehangen. Dat doet me eraan denken dat ik dat ook nog moet doen. Het ding werkt wel, ik heb het getest.

Mijn vader en mijn andere zus waren ook. Het werd zo een familiaal onderonsje.

Mijn zus had er toch weer gezellig werk van gemaakt, lekkere taartjes, éclaires, één grote taart. Dat allemaal bij de koffie. Mijn schoonzus had ook een cake gebakken en meegenomen.

Het rookmeldersintermezzo was tijdens de bubbels. Plichtsgetrouwe broer wil pas bubbelen na zijn werkje. Perfectionist als hij is, duurt het even langer en gaan wij al aan de bubbels, tezamen met chips en ovenhapjes.

Zoals het ons, Limburgers betaamt, zetten we ons nog een keer aan tafel voor het avondeten. Lekkere broodjesmaaltijd, allerlei soorten broodjes, broodjesbeleg, … al maar goed dat ik geen vaste voornemens meer heb. Zeker niet op deze dag. Het is tenslotte alleen op 1 januari de eerste dag van het jaar.

Derde dag van het jaar: 3 van de 5 M’s …

Limburgs bezoek (M. en haar dochter M.) en de tweede keer aan de bubbels. Het is niet mijn gewoonte om bubbels in huis te hebben.  Deze fles had ik nog van een bezoek aan de druivenkwekerij Soniën Serres in Overijse. Dat was in september vorig jaar. Dat was toen met de lotgenotengroep Melanoompunt. Ik merk dat ik er niet over geschreven heb. Feit is dat ik nog nooit zo zuiver sap heb gedronken. Hoe lekker zou een fles bubbels dan wel zijn? Er zal wel altijd een gelegenheid te vinden zijn. Vandaag is er zo eentje!

Naar jaarlijkse gewoonte werden er kourabièdes uitgewisseld. Die van M. waren beter, die waren echt. Die van mij zijn, zoals ik al eens schreef, misschien zelfs iets te gezond … ? Ik kreeg ook nog andere fijne dingen in het Grieks, zoals de Snoopy Kerstster mét inhoud. Dat was fijn, zo’n cadeau in meervoud.

Het plan was om naar de Kerstmarkt te gaan. Helaas, door stakingen van De Lijn hebben we het hier in de buurt gehouden. Hoewel ik de stakers wel begrijp.

We hebben ons overigens niet verveeld. Even de benen strekken in de buurt brengt ons hier.

Meestal gaan we ook buitenshuis een hapje eten. Op tijd reserveren is wel de boodschap. We konden nog wel terecht bij Brel,  (“tof zaakske” zoals M. zei) voor een lekkere hap.

Eerste lesje voor dit nieuwe jaar, op tijd reserveren, zeker bij Morfo! Gewoon bérelekker, dat eten!

Vijf januari

Niet veel te melden, alleen dat hét gebeurd is. Het is mooi geweest, die feestdagen. Drie weken lang heeft het hier gestaan. Vanaf gisteren word ik er niet meer blij van. De batterijtjes van de lampjes zijn trouwens moe. Nu is er weer ruimte, in meervoud, niet alleen in mijn living. De Driekoningen zullen zonder mijn boom ook wel bezongen kunnen worden.

Bezoekje aan mijn vader en daarna heb ik deze feestperiode officieel afgesloten met een ‘gezond’ ijsje. De komkommers zijn bijna op …

Er zijn wel verhalen… het is inmiddels de twaalfde, één van de 5 M’s verjaart vandaag! De 5 M’s, nog zo een verhaal … een Griekse muzikaal verhaal.

Geniet, met mate in drank en met maten in enkel- of veelvoud tijdens de januari recepties.

Specialist zonder assistentie

Zo verliep mijn tweede Nieuwjaarsdag.

De badkamer had een beurt nodig. Niet dat ik zoveel zin had, maar het moest. Van al mijn energie die ik in mijn huishouden besteed, zijn de badkamer en de keuken het best bedeeld.

Daarna was het richting ziekenhuis. Het bolletje werd eruit gehaald.

In de inkomsthal zit iemand, die ik ontmoette in de revalidatie een tijdje geleden. Uit haar verhaal, toen en nu, weet ik dat ze ook heel wat te verduren heeft op monstervlak. We hadden het er even over, dat ziek zijn, ook al ben je helemaal genezen, het laat je niet helemaal los. Fulltime weer werken, het ‘gewone’ leven … ik zag wel aan haar dat het niet vanzelfsprekend is. Het zette me weer bewust aan het denken. Wat als ik helemaal genees? Wat als ik voor altijd status-quo blijf? Ik wil er niet té veel over nadenken. In mijn hier en nu is dát nog niet aan de orde!

In die bewuste wandel- en wachtzaalgang zat ik eerst alleen. Niet lang daarna kwamen de mensen die ik vorige week ook al zag me gezelschap houden. Van het een kwam het ander, het gesprek ging snel over de dingen die we meemaakten in het ziekenhuis. Beiden ook monsterpatiënten, lijdensweg, van deze naar een andere therapie, omgang met specialisten …

Om het ergste avontuur, om het ziekste, om het strafste … echt waar, wij monsterpatiënten mogen dat. Raar maar waar, het geeft een troostend ons-kent-ons gevoel. Het gevoel wens ik u toe, de reden natuurlijk niet, laat het een vrolijke reden zijn. Ach, we mogen ook in ellende toch wat, niet?

Mijnheer had het zwaar te verduren. Maar hij en zijn vrouw kwamen wel lachend buiten bij de dermatoloog. Goed nieuws dus!! Een beetje extra blijheid in het kraakverse jaar.

Mijn beurt! Alles was groen gedurende deze kleine ingreep, vanwege het doek dat om hygiënische redenen, over mijn gezicht lag.

Natuurlijk was ik wat gespannen. De dokter bereidde alles zelf voor. Eerst de verdoving klaarzetten. Een prikje meer of minder, niet erg toch? Dat spuitje deed wel even pijn. ‘Ontspan!’ (dat was een bevel …). Daarna ging het wel goed. Terwijl de verdoving aan het inwerken was, zette de dokter alles klaar voor de kleine ingreep. Hij vertelde dat de tijd van assistentie-personeel bij de specialisten die kleine ingrepen uitvoeren niet meer te betalen was. Hij noemde een bedrag dat ik ook niet zou willen betalen, op jaarbasis, als hij een assisterende verpleegkundige erbij wilde. Overigens, zo vertelde hij, krijgen de verpleegkundigen dat loon niet eens. Zij verdienen in verhouding echt te weinig. Het ziekenhuis houdt heel wat in. Voilà, als de dokter het al zelf zegt! Toch wel iets om over na te denken!

Het bolletje zal in het labo onderzocht worden. Volgende week heb ik mijn gewone vlekjes-controle check-up. Dan zal ik het weten wat het bolletje te vertellen had. Intussen elke dag een zalfje smeren voor de komende tien dagen en zeker NIET aan het korstje krabben!

Daarna liep de dag een beetje in de prak. Zo een dag die iedereen wel eens heeft, alles uit je handen laten vallen, te lang aanschuiven aan de kassa terwijl je diepvriesmateriaal in je kar hebt liggen, de autosleutel te snel uit de deur trekken na het openen (dat knopje om te openen is uit de sleutel gevallen en de garagist zei dat het te duur zou zijn om een nieuwe sleutel te laten maken), de sleutel er daarna niet meer inkrijgen, … gelukkig heb ik niet alles onthouden van de pech. U kan rustig verder lezen. Oh! Neen het verhaal is gedaan. Voorlopig toch tot er een ander verhaal aankomt …

Een 2020 vol verhalen wens ik u, allerlei, zo is het leven nu eenmaal, de veerkracht, de rustpunten, de juiste mensen rondom u, om het zo mooi als kan te beleven ! Hier sè dat ik u kus … 😘

2020

Omwille van het enorme risico om in cliché-rijke herhaling te vallen t.o.v. vorig jaar en de jaren daar nog voor,

Omwille van het cynisme van mij dat elk jaar tegen het einde ervan, krakjes vertoont en dan tot uitbarsting komt,

Omwille van niemand willen overslaan, niemands gedachten te sturen,

Ook omwille van het gekunsteld gevoel dat het bij mij opwekt,

Omwille van nog veel meer (berichtjes met wensen die ik dan niet beantwoord bijvoorbeeld),

Want …

Ik heb nl. weer een foto met kourabièdes waar ik al een verhaaltje bij schreef,

Weer een foto van de kerstboom en de cadeautjes,

Weer de allerbeste wensen voor iedereen, ook voor u,

Opnieuw voornemens die met Nieuwjaar niets te maken hebben, eerder met de gelegenheden die zich rond die tijd nogal eens voordoen,

Weeral verwijzingen naar alles wat ik ooit voorheen schreef en vooral wenste,

Weeral commentaar op wat er gebeurt in de wereld,

Weer … als u dat woord bekijkt. Het weer, klimaat … ja, in de wereld.

Weer naar het jaaroverzicht gekeken, de ‘wereld’leiders, de calimero’s, de wereldvreemden, de ervaringsONdeskundigen die leiden, de ervaringsdeskundigen die lijden,

Opnieuw de onverdraagzaamheid, de haat, me afvragend hoe eenzaam het moet zijn als men zich met haat en macht moet afschermen,

En weeral helaas brengt de haat geen zoden aan de dijk, toch niet voor de gewone burger,

Veel betogingen, waar ik niet bij was, alleen in gedachten en handtekeningen,

Solidariteit, gelukkig dat ook,

Weeral bewondering voor iedereen die toch weer voor anderen zich inzetten, het voor hen opnemen,

Nog een keer opsomming van de goede en andere dingen van 2019,

Kleine vrolijke dingen, weeral, en toch verrassend,

Vrijwilligerswerk (met goesting), nieuwe ontmoetingen, ontdekkingen,

Weer geheimpjes … 😉

Streven en aanvaarden, meestal toch, na de zoveelste Mie-en-het-lijf dialoog,

Weer blij dat ik er nog ben, ik weet niet hoe het is om er niet meer te zijn,

En al mijn stokpaardjes waarvan ééntje (omdat ik het vaak gelezen heb) … de afwezigen hadden ongelijk. Neen, die waren elders aanwezig. De echte afwezigen zitten in ons hart. (voilà, toch weer even cynisch).

Weeral drie puntjes omdat elk verhaal nooit helemaal af is …

Dit is mijn niet-Nieuwjaarsbrief, hiervoor heb ik eerst de wensen van het vorige jaar eens bekeken. De goesting om naar je medemens te kijken, lijkt me een goede om nog eens te herhalen. Ik heb er veel naar gekeken en een mooi kleurenpalet gezien. Dat wens ik u en mij (nu ik toch bezig ben mezelf  te wensen: wat meer energie, mooi verdeeld over langere tijd 😉, zelfs een enkeling vindt het wel eens fijn in gezelschap te zijn).

Bedankt om mijn schrijfsels te lezen, u mag ze delen want in een zekere mate van bescheidenheid durf ik een vorm van ijdelheid toe te geven – wens ik zo te schrijven dat ik meer gelezen word, gewoon uit goesting van mijn medemens.

Wat ik voor 2020 voor u wens en ook voor elkaar, is een boeiend, gezond, strijdbaar, zacht, solidair, aanwezig wandelpad met mooie en uitdagende avonturen. Rust nemen zonder meer, bijvoorbeeld, was voor mij een uitdaging dit jaar.

Wie zei ook alweer, ‘het is niet wat je meemaakt dat bepaalt wie je bent, het is de manier waarop je het aanpakt.’

Dan zal ik u het vinden van die manier, die helemaal bij u past, wensen en uw wandelpad plezierig maakt om over te wandelen, uitkijkend naar steeds de volgende stap.

Wees stout en vertel dàt aan de Kerstman volgend jaar, of al aan Sinterklaas. Tover een lach op zijn gezicht 😊.

Komkommertijd in de transitzone.

Er gebeurt niet zoveel. Ik wil wel schrijven, wat zal ik dan eens bij elkaar rapen?

De kourabièdes die ik gebakken heb, zijn een ietsje bruiner geworden dan de echte klassieke koekjes. Dat heeft een reden en die is niet te bruin gebakken. Het zit in de bloem en de suiker. Ik gebruik graag ongeraffineerde rietsuiker bij het bakken en de bloem was boekweitbloem. Het heeft prima gewerkt. Teveel eten gebeurt zo al na twee koekjes dus kom ik langer toe …  

Ik zou ook kunnen schrijven over de Kerstmarkt. Ik ben er gisteren even heen geweest met mijn zus. Het was er p*kedruk. Wonder boven wonder, de kleine bestaan ook nog, kon ik er vrij goed tegen. Het was ook fijn om te praten over familiedingen buiten de situatie waar het om gaat.

Intussen speel ik toch weer enkele euro’s kwijt en ben ik cadeautjes rijker. Om te geven en gekregen. Ze liggen nog even onder de kerstboom te glunderen, ingepakt. We hebben afgesloten bij een Italiaan. Aangezien we toch bezig waren te doen alsof het dagelijkse kost is, wat we daar deden, lieten we ons maar eens lekker gaan. En lekker was het!

Tussen het net-niet-gedrum ergens tussen Schelde en Hoogstraat zag ik Pieter Aspe staan. Wat is die mens lang zeg! De keren dat ik hem live zag, was zittend, aan het signeren op de boekenbeurs. Het doet er me aan denken dat ik nog een boek van zijn hand te lezen heb. Zijn boeken laten zich lekker vlot lezen. Er zit een soort cynisme en humor in die me wel smaken.

Ik zou ook kunnen schrijven over het familie Kerstfeest. Dit jaar was het mijn beurt om te organiseren. Sinds vijf jaar doet mijn vader het niet meer zelf. In die tijd huurden we een zaaltje in het Hasseltse, bestelden we een traiteur en vroegen we een vriendin van de familie om te helpen die dag. Mijn vader regelde de meeste dingen. Dat was ook fijn, maar hij vond het lastig worden. Zo is het idee ontstaan om elk jaar iets anders te doen. De eerste keer dat één van ons het deed, was in Oostende. Mijn andere zus woont daar. Dat was wel tof, zowat pal op de dijk.

De tweede keer heeft mijn andere zus het gedaan, hier dichtbij. Zij en haar kinderen/schoonkinderen hebben vooraf en die dag gezorgd voor het familiefeest. Dat werkte ook goed. Het was dichtbij een park zodat we veilig buiten konden. Er zijn nogal wat kinderen in onze familie en het is wel tof voor hen om eens wat meer te kunnen doen dan even de benen te strekken.

Daarna waren het achtereenvolgens twee broers van mij. De ene keer in de Antwerpse Kempen, met een toffe binnenspeeltuin en vorig jaar was het ongeveer dezelfde formule, in het Leuvense, aparte zaal in een restaurant met eten en bediening inbegrepen.

Degene die het organiseert, doet dat in de buurt waar hij/zij woont. Dit jaar was ik aan de beurt, in Antwerpen dus. Aangezien ik iets helemaal anders wilde, deden we het in de Griekse Taverne in Antwerpen, vlakbij de Kerstmarkt. Iedereen vond het wel tof, fijn, origineel, vooral die shared food. Voor mij is dat al jaren heel gewoon. Niets zo fijn als eerlijk, eenvoudig eten, grote schotel in het midden van de tafel en gewoon delen, proeven en opeten. Nu ben ik altijd te vinden voor lekker eten, zeker als ik het niet zelf moet klaar maken, niet teveel gepruts met bestek in veelvoud en al helemaal als het in gezelschap is.

Iedereen die aan de cadeautjes meedoet – het is bij ons geen verplichting – trekt een naam en koopt iets van het lijstje dat hij/zij krijgt en ontvangt ook zelf een cadeautje van de lijst die hij/zij doorgaf. Ik doe wel graag mee. Dit jaar kreeg ik een fietstas, heel praktisch. Ik ben er heel blij mee. Daarbij had ik de naam van een belhameltje uit de familie. Altijd fijn om een cadeautje te geven. Als toemaatje, kreeg ik dit jaar extra cadeautjes. Degene die het organiseert krijgt een presentje. Hoewel, -tje! Ik ben goed bedeeld dit jaar. Tegoed bons waar ik wel weg mee weet 😉

Intussen blijft het komkommertijd en dat in de winter.

Oh en het is de verjaardag van A. Twintig wordt deze jongedame vandaag, psycholoog in wording, oudste achterkleinkind van mijn vader.

Er is nu nog die Nieuwjaarsbrief te schrijven, toch ?

Verder ga ik u niet vervelen met links naar vroegere blogs, die hier terug te lezen zijn. U bent natuurlijk wel welkom, alles staat er nog. U hoeft er zelfs de echte komkommertijd niet voor af te wachten …

Doe dat goed wat u ook doet, op welke manier en in welk gezelschap dan ook!

Muzikaal intermezzo in de wandelgang van het ziekenhuis

Soms wordt de dag verrassend fris, aangenaam fris en sprankelend.

Het is niet speciaal een droeve dag, maar deze dagen tussen Kerst en Nieuwjaar voelen voor mij leeg aan, alsof je in een transitzone zit, te wachten op dat wat zeker is dat het komen zal. Ieder zit wat voor zich uit te kijken, druk bezig met de gsm/smartphone/i-phone, soms zelfs een babbeltje hier of daar. In deze of gene hoek is er drukte over wat komen zal, gelatenheid, gefundeerde meningen, … een transitzone vol eilandjes.

Tot er iets gebeurt waardoor er een gevoel van verbinding ontstaat en de eilandjes één groot eiland worden. Nog wel in de wandelgang van het ziekenhuis. U weet nog – ongetwijfeld 😉 – van mijn voorlaatste blog dat ik vandaag een afspraak had in het ziekenhuis betreffende dat bolletje op mijn voorhoofd. Zo gepland, zo gegaan. In die bepaalde gang van het ziekenhuis, zaten al enkele mensen te wachten tot het haar of zijn beurt was. Ik kom er bij zitten, gezellig bijzitten, zal even later blijken. Twee stoelen verder komt er nog een koppel bijzitten en naast mij een meneer. Dat koppel is veel te vroeg en de meneer gaat even wandelen. Mevrouw vertelt dat haar dochter in de kapel van het ziekenhuis zingt en dat haar man even gaat kijken.

‘Aha! Muziek in het ziekenhuis!’ klinkt het in mijn hoofd. Ik word een beetje wakkerder dan ik, door de fietsrit, al was. Er komt een gesprek op gang, over de dokter, over muziek spelen, over andere dokters, over onze ervaringen, … tot er een mevrouw met gitaar op haar rug, bij komt, de dochter van het koppel !

Iemand vraagt onmiddellijk of ze een liedje wil spelen. ‘Oh ja, natuurlijk, als u dat fijn vindt’ (het kan ook zijn dat ze zei ‘oh natuurlijk, als ik u daarmee een plezier kan doen!, de exacte woorden weet ik niet meer). Ze neemt haar gitaar uit die zak, zoekt naar partituren en begint te zingen. Het is mooi, ze heeft een goede stem. Ze zingt dit (ik ben pas na de strofe beginnen opnemen) :    

Make it a better place – 27/12/2019 in de wandel/wachtgang van het ziekenhuis

Dan vertelt ze dat ze vooral zingt, klassieke muziek en gospel.

Ze is net een tweede lied begonnen wanneer de deur opengaat. De vorige patiënt vertrekt. De dokter roept mijn naam en richt zich even tot de zangeres met de gitaar, of het gestopt kan worden omdat het stoort in de consultatieruimte. Mij stoort het absoluut niet, maar helaas daar is de dokter de baas, ook wat muziek al dan niet spelen betreft.

Na de consultatie vraag ik haar of ik haar naam mag melden als ik hier een blog over wil schrijven. Dat mag! Ze geeft me haar kaartje mee. Nu ik thuis zit, dit aan het schrijven, het kaartje bekijk, blijkt ze een veelzijdige dame te zijn. Coach, zangeres en koordirigente. Ik had – nog – niet van haar gehoord. U wel? Het gaat over Ann Callens-Janssens van La Muze (Live muziek voor elk evenement), http://la-muze.be/muzikanten/ann-zangeres/.

De wacht/wandelgang in een ziekenhuis, is dat dan geen evenement? Ik kan het – als ervaringsdeskundige – bevestigen. Vaak is het wel zo 😉

Het was in elk geval een welkome afwisseling in het wachten op mijn beurt. Dat mag meer gebeuren van mij. Het zal vast en zeker patiënten wat afleiding bezorgen en hun zenuwachtigheid naar de achtergrond bannen. Het schept verbinding. Ik vermoed dat mensen die gewoon zijn lang te wachten, op een keer beginnen mee te zingen en zelfs vergeten dat ze in de wachtgang zitten. Als je dan bedenkt hoeveel diverse mensen in dezelfde afdeling kunnen zitten, wat een prachtig geluid zou dat wel geven? Al zal het hier en daar een dokter niet bevallen.

Oh en dat bolletje? De tweede dag van het nieuwe jaar mag het eruit.

Bijna kerst …

Het verdere leven zoals het nog geweest is dit najaar.

DANSOPTREDEN IN GENT

Ik zou nog bijna vergeten dat ik naar een prachtig dansoptreden ben gaan kijken. Op een mooie zondag in november was dat. Het voordeel van die steeds maar aangroeiende familie is dat er altijd jong volk is die toffe dingen doen. Daar kan ik dan gaan kijken en genieten. In deze groep – Senlima – doet een ander nichtje van mij mee. Een nichtje waarvan ik trotse meter ben overigens én grote tante van haar kinderen.

Dit dansoptreden is van TussenOns, ook zeer het vermelden waard, want ze treden nog verder op. Het is een project van Senlima en Folklore Dansensemble Amersfoort (FDA). https://www.facebook.com/events/445168966215140/

Senlima is een optreedgroep met een goed oog voor internationale folklore, zoals ook FDA.

*Het was een prachtig programma met mooie, heftige, wervelende dansen die live muzikaal begeleid werden door muzikanten van beide groepen. Het eerste deel was een reis doorheen Europa op zoek naar wat verbindt en de afstand TussenOns kleiner maakt, waarna de terugkeer naar de Lage Landen en de gezamenlijke mede-/tegenstander van België en Nederland nl. de Noordzee.

In het tweede deel zorgden de eensgezinde kostuums en gemeenschappelijke folklore dat je de grenzen vergat zoals ook de verschillen tussen de twee groepen. *

Ze hebben zelfs een lied gezongen met de hele groep. Heel mooi!

* bron: uit het programma dat ik er kocht, vrije bijdrage. Met het huidige gebrek van ‘hogerhand’ aan respect voor cultuur (…) is die bijdrage geen luxe.

GRIEKSE MUZIEK IN DUSSELDORF

Einde november was ik in Düsseldorf. Dat ik er die zaterdagavond van dat weekend zou zijn, was al lang bekend voor mij. Mijn eerste Griekse muzikale liefde, Georgos Dalaras, trad er op. Intussen ken ik meer Griekse liedjes (niet vanbuiten) dan van de top 30. Het voelt niet aan als een cultureel gat. Maakt u zich overigens niet ongerust, ik geniet net zo van Zjef Van Uytsel, Wim Decraene, zelfs af en toe Clouseau en Will Tura (vooral Winterroosje 😉 naar Margriet).

De verrassing van het concert was het mee optreden van Michalis Tzouganakis en zijn zoon Alexandros. Hoe ik daaraan moet beginnen om uit te leggen welke band ik heb met hem (Michalis) is knap lastig. De muziek, de persoon, de hele Kretalucht die hij uitademt, de band met Limburg (waar hij geboren is en tot zijn negende heeft gewoond), hoe goed hij nog Nederlands spreekt, zijn familie die ik heb mogen leren kennen, de kennismaking met mantinades, … eens op gang kan ik er niet mee stoppen. Uit ervaring weet ik ook dat het vervelend wordt als de passie van iemand anders niet mijn eigen passie is en mij er ALLES van verteld wordt. Enkele foto’s van het concert dan maar? Het bleef niet bij één ferme knuffel.

Natuurlijk ook van vrienden, die ik meestal bij deze gelegenheden live ontmoet. Er waren er uit Nederland, Duitsland, Groot Brittannië en Limburg. Het was een heel fijn weerzien. Met z’n allen proberen de ‘zaalwachters’ te overtuigen dat de Grieken het echt niet erg vinden dat we foto’s maken en mini filmpjes. ‘Don’t take the Greek out of the people, please!’ Soms voel ik me toch weer de rebelse puber 😉

Het concert was helemaal uitverkocht. Het was dan ook fantastisch. Naar ik hoorde heeft Düsseldorf een grote Griekse Gemeenschap en dat was voelbaar, heel erg voelbaar. Aspasia Stratigou was er ook bij. Haar heb ik ook al eerder gezien en gehoord. Fantastische stemmen, allemaal. Wat me steeds weer opvalt is dat de stem van Alexandros sterker en sterker wordt, echt prachtig! Ik hoorde hem voor het eerst bijna een decade geleden in Kreta. Nog heel jong en toen al zo’n mooie stem. Niet dat ik veel van zangstem ken, maar ik voel gewoon dat het goed zit.

Michalis Tzouganakis
Georgos Dalaras
Alexandros Tzouganakis
Dalaras met Aspasia Stratigou

Het besluit om in Düsseldorf één keer te overnachten vonden M. (een goede vriendin uit Nl.) en ik al gauw een tof idee. Allebei chronisch ziek (nu ja, het is echt niet te zien) en snel vermoeid vonden we het wel meer verantwoord om niet meer terug huiswaarts te keren na het concert. We hebben er dan nog een gezellige volgende dag van gemaakt. Van kerstmarkt naar boottocht over de Rhijn, een heuse poppenkast, veganistische maaltijd in een trendy/vintage hamburgertent, thee, babbel, … die zondagochtend gestart met een heerlijk uitgebreid ontbijt in de Jeugdherberg. Goed financieel te doen voor een keer en hoewel wat druk op enkele tijdstippen in de dag, heel erg aan te raden. M. was met de wagen dus we raakten makkelijk van de ene kant naar de andere kant van de rivier.  Ikzelf reisde met de Flixbus van Antwerpen naar Düsseldorf met één tussenstop in Eindhoven. Dat verliep vlot en was een stuk goedkoper en makkelijker reizen dan de trein (niet overstappen en wachten op aansluiting).

Zo, dit zijn de plezantste dingen tot nog toe. Er staan er nog wat op til. Ik ga eerst van het hier en nu genieten. Wat komt dat komt en als het plezierig is, is dat nog mooier meegenomen. U leest het dan zeker wel.

Geniet van de winterdagen, de regen of blijft u lekker warm en droog, dat wat goed voelt en houdt u er geen financiële kater aan over. (cynisch-je van mij: stelt u zich voor dat u uw eigen cadeau tegenkomt op e-bay over-overmorgen … 😉)

De zomaartjes en wat ditjes en datjes

Van trouw en regelmatig schrijven én posten kan je me heel bezwaarlijk beschuldigen. Ik ben niet ontrouw – zeker niet van nature – doch de energie, de zin,  de mededeelzaamheid ontbrak me de laatste maanden al eens.

Er gebeuren soms dingen die wat van mijn energie en tijd vragen, dingen buiten ieders wil om.

Van het schrijven en in mijn blog posten was het er gewoon niet van gekomen.  Wat dan wel?

In vogelvlucht …

HET LIJF LEVEN ZOALS HET IS

Mijn therapie en andere medisch-gerelateerde dingen.

Sinds september krijg ik nu om de zes weken mijn baxter met immuuntherapie (voor de geïnteresseerden Pembrolizumab). Het is dan wel een dubbele portie! Uit een studie was gebleken dat de patiënten geen noemenswaardige bijwerkingen kregen. Ik ben er zelf mee begonnen in september. Hoewel ik er niet echt ziek van ben geworden, voelde ik toch weer de grenzen dichterbij komen, vooral in de eerste week na de therapie. Dat is nog steeds zo, maar er blijven nog steeds vijf weken waarin ik min of meer ‘vrij’ ben. Het is de onvoorspelbaarheid die me nog vaak verrast.

Op enkele keren na ben ik nu beter voorbereid. De dagen dat ik me goed voel, probeer ik me niet meer te vergalopperen.

Het gewone lijf-leven gaat gewoon verder, zoals jaarlijkse controle bij de oogarts bijvoorbeeld. Wel iets nieuw aan het ogenfron(s)t. Ik ben aan het brillen. Geen leesbril, die had ik al, in veelvuldig meervoud (in de slaapkamer, de badkamer, de keuken, op de tafel, in de zetel, … echt!). Nu is het een echte verrekijkersbril. Nog niet al te straf, wel genoeg om film of tv te kijken, goed te zien bij een concert en in het donker autorijden, toch heel handig, wegens echt het verschil zien tussen oké en WAUW!

Nog een akkefietje … het rode bolletje op mijn voorhoofd. Zoals de dermatoloog het noemde, een hematoom. Ik had er tot twee jaar geleden ook zo eentje op mijn schouder. Dat werd weg gehaald, zonder verdere last. Dit ding op mijn voorhoofd begint soms zomaar te bloeden, zonder meer. Het verkleurt niet, wordt niet groter of kleiner, enkel af en toe pats bLoe(m)D. Ik heb pas in januari mijn volgende controle bij de dermatoloog, maar die kon gelukkig vervroegd worden naar volgende week vrijdag, net voor het weekend na Kerstmis. Raar rood bolletje. Nooit eerder last van gehad. Wordt ongetwijfeld vervolgd (het mag wég van mij).

Gelukkig zijn alle scans van de laatste maanden goed, stabiel, dwz dat het monster slaapt. Het is nog niet vertrokken. Misschien weet het wel dat het verslagen kan worden. Men weet maar nooit met monsters. Het is wel al grotendeels uit mijn hoofd vertrokken. Oef! Hoogst waarschijnlijk heeft het ook nog andere cellen meegenomen, als ik ervaar hoe onhandig ik (weer) ben de laatste tijd 😉

SCHRIJVEN

Van schrijven zonder bloggen is er toch nog het één en ander gekomen.

Gedichten! Echtwaar! Ik heb deelgenomen aan een cursus met vier workshops ‘Van gedachten naar gedichten’, georganiseerd door Wisper. En raadt u eens wat? Ik heb geen enkele les gemist – trots op mezelf, want een les of wat anders overslaan wil al wel eens gebeuren, meer in deze donkere dagen dan in de andere seizoenen. Het nakomen van afspraken lukt nochtans wel aardig, behalve als het niet lukt. Dan heb ik in goede tijden wat veel in mijn agenda gezet, agenda = tijden die nog komen…

Meedoen aan schrijfwedstrijden vind ik uitdagend. Zo deed ik mee aan een reeks  teksten schrijven voor het Festival van de Gelijkheid via Azertyfactor. Dat had plaats in november, in de Vooruit in Gent. Ik kon er zelf niet heen, maar ik heb wel één keer gewonnen. Dat wil zeggen dat een tekst van mij gekozen werd om te printen op eetbaar papier. Dat werd dan op dat festival ‘geserveerd’. Er werd een pakketje van mijn teksten, geprint op eetbaar papier, verstuurd. Ik heb ervan uitgedeeld en eentje heb ik ingekaderd.

NOG WAT FIJNE DINGETJES

Ik kan er al eens mee lachen, met mijn hersenactiviteiten, behalve als ik me slecht voel, zoals willen fietsen of stappen en het gevoel hebben dat je tegen een windkracht 10 in loopt, ook op een gewone rustige dag.

Vorig weekend voelde ik het bijna niet, die windkracht 10. Ik ben naar een prachtvoorstelling geweest van de Groene Muur in het UZA, waar patiënten met een ernstige ziekte hun verhaal kwamen vertellen, op een serene manier, ludiek, mooi en heel waarheidsgetrouw.

Zaterdagavond was ik dan weer naar een kerstvoorstelling van het jongvolwassenenkoor Chorix. Een nichtje van mij en haar vriend zijn lid van dat koor. Het was heel mooi geworden, in een kerk, met een heuse kerstmarkt achteraf.

Zondag heb ik dan toch weer verstek moeten laten gaan. Ik weet het, drie dagen achter elkaar zeker na een vrij drukke week, … of beter, ik had het moeten weten. Helaas! Maar toch, twee/derde van mijn plannen vorig weekend zijn toch gelukt.

Dat jongeren zangkoor is het volgen overigens waard: https://www.facebook.com/ChoriX-153899851725776/

De creagroep waar ik volwaardig lid van ben is gisteren nog een keer samengekomen. We vierden alvast ons eerste Kerstfeestje. Hoewel er enkelen zich niet zo goed voelden, was toch iedereen daar en het werd heel gezellig. Het zijn mensen die ik heb leren kennen via een cursus bij Samana, ‘Creatief dagboek, ont-moet jezelf in woord en beeld’, waarover ikhier/al een keer schreef.  

We hebben het samen creatief zijn met ons zessen verder gezet o.l.v. een creatieveling. We komen om de zoveel weken samen bij haar thuis. Ze stelt haar woonst dan open voor ons. We krijgen een opdracht vooraf verstuurd en kunnen al wat gaan broeien over hoe we dat gaan aanpakken. De dag van samenkomst zelf, werken we dat uit. Ze stelt heel wat materiaal ter beschikking, we nemen zelf ook wat mee, en er is altijd iemand die voor de versnaperingen zorgt.

Gisteren waren het kourabièdes en bougatsa (die versnaperingen).

De opdracht was individueel, een Kerstcadeautje maken voor degene wiens naam je getrokken had. Nog een deel van de opdracht, maken met spullen die je in huis hebt, NIETS kopen. Dat is me nog warempel gelukt. Wat grappig was, is dat bijna iedereen van ons, de dag zelf nog bezig was met de laatste toets te leggen aan het cadeau. We nemen het dus echt wel ernstig. De resultaten waren verbazend. Ikzelf heb een heel mooi schrijfboekje gekregen met allemaal foto’s in van Griekenland, zelf gemaakt door de gulle gever. De verpakking was ook mooi, heel eenvoudig maar wel versierd met takjes lavendel en Franse tijm. Jammer dat mijn reukorgaan het vaak laat afweten (door de therapie).

Er zijn nog wel dingen, waarover ik een aparte blog (probeer) zal (te) schrijven. Als u hier geraakt bent, vind ik u al heel dapper, zonder examen, noch nu, noch in januari, toch lezen, petje af 😊

Hoe vergaat het u deze winter? …

Wintertijd

Wintertijd

Het moet gezegd, ik houd tegenwoordig van deze tijd van het jaar. Hierna wordt het wat donker, toch nog niet getreurd. Deze tijdspanne past tegenwoordig bij mij. Een beetje trager, een beetje minder, een beetje natuurlijker ook. Ooit genoten van traagheid? Ik leer het nog elke dag, trager zijn, vooral in mijn hoofd.  

De leegte en ruimte in mezelf weer opzoeken, en zien waarmee die dan gevuld wil worden. Vandaar de wintertijd, ik houd ervan. Ook al omwille van die tijdsverandering. Hoezo? …

Normaal is dat weekend van zomertijd naar wintertijd een feest voor mij. Ik haal zo vermeend verloren slaap in. Het geeft me een gerust gevoel, een soort veiligheid. Ik geniet er ook van, ook al slaap ik niet echt veel meer, het mogen en niet moeten gevoel houdt me rustig zo in die vroege ochtenduren.

 Ik ben wetenschappelijk helemaal niet onderlegd. Meer nog, het interesseert me niet. Ik voel liever aan  of iets me wat zegt of niet, wat ik er al dan niet mee doe. Het kan zelfs zijn dat ik me de arrogantie aanmeet om te verkondigen dat dit voor iedereen, de meesten, een groep het beste zou zijn. Zo niet toch veel beter.

Bijvoorbeeld vraag ik me al heel lang af, wat er zo mis is met je natuur volgen. Neem nu de poes – ik houd van die dieren – katten en hun familie wijd en zijd – hebt u deze onafhankelijke dieren uit zichzelf ook iets zien ‘moeten’?

De natuur zit ‘m ook in de tijd. Wat zou het? Ja, natuurlijk!

Het winteruur. Hoezo? Weet de winter dat? Wie heeft dat verteld aan de winter? Het zomeruur? Waar is dat dan heen? De diepvries in? Doet me denken aan dat reclame-parlé-tje op de radio, waarin de zon zich excuseert zolang niets meer van zich te laten horen. Ze zat met een burn-out (uitbranding?). Daar staat u dan, u zal maar richting zon reizen.

Niets in de natuur zal zich aanpassen aan wat wij ervan willen maken. Een boom wordt wakker wanneer het licht wordt. Die wacht niet tot het acht of negen uur is. De poes komt terug van haar nachtelijke escapades wanneer ze tevreden is (tenzij ze geconditioneerd werd door … u). Heerlijk, overigens zo’n poezenbeest als huisdier of eerder buitenhuisdier, maar toch weet over wie ze baas kan spelen en daar ook haar melk haalt.

Een kind wordt spontaan wakker wanneer het wakker wordt. Niet omdat 7u is of 8u. Dwingt u dat toch niet af. Het duurt toch even vooraleer het weer ‘gewoon’ wordt. Uzelf overigens ook niet (afdwingen).

We zijn zo heel erg gewoon geworden aan economisch (enkel financieel en/of tijdsgebonden dan) denken en handelen dat er nog weinig wordt stil gestaan bij ons fysieke gevoel hierrond. Ik doe dat natuurlijk ook, behalve wanneer ik het niet doe.

Mijn natuurlijk ritme is nog een uurtje vroeger. Ik vond het altijd raar, vroeg in de avond al zo moe worden. ’s Ochtends zo vroeg wakker zijn. Een verhaal van mijn vader (al lang geleden verteld) verklaart misschien veel. Toen hij kind was, was het gewoon tijd, geen zomertijd, geen wintertijd. Het was om 7u (huidige wintertijd) gewoon 6u. Het was om 15u30 (huidige wintertijd) gewoon 14u30. In dié tijd gingen de meeste kinderen te voet naar school. Nu zou ik het ook niet meer doen of aanraden om die afstanden, als kind alleen, te doen. Het was overigens in het midden van nergens, zoals de meeste woningen op de buiten. Het betekende wel dat de kinderen die langer dan een uur stapten om van school weer naar huis te gaan, in de winter een uurtje vroeger moesten vertrekken. Zo waren ze voor het donker werd thuis. Dat was zo gewoon, dat komt niet meer terug, die tijd. En toch, die tijd kan ons wat leren over de tijd. Het was de meest natuurlijke tijd, ons bioritme. Er was licht van de kaars of olielamp voor de avondmensen en ’s ochtends waren er dikke gordijnen.  

Daarom begrijp ik de hele heisa niet rond wintertijd en zomertijd. Die keuze is toch heel natuurlijk vanzelfsprekend als er weer één tijd wordt ingeschakeld. Is de natuurlijke tijd niet goed genoeg meer? Voor mij hoeft er niet de hele avond en halve nacht lang zonneschijn te zijn om in de zomer op een terras te gaan zitten, lekker buiten, ontspannen, rustig, of dansend, waar en hoe dan ook. Als de zon onder gaat, gaat ze onder. Meestal is het de warmte die ons buiten houdt. Niet het licht.

In de winter hoeft dat ook niet, om dezelfde reden. Ik blijf niet buiten omdat het om 18u nog licht is, zeker niet als het de stenen uit de grond vriest. Het licht is er niet alleen voor ons – zelf vaak opgelegd – plezier. Het is er voor onze gezondheid. Het manipuleren is nogal dom, vind ik. Maar manipuleren, daar kennen wij mensen nogal veel van, geloof ik.

Laat de tijd zijn zoals ze is. Welke tijd? De gewone tijd. Als zelfs Frank Deboosere het al zei, meermaals. Dit vond ik nog uit 2017: https://www.hln.be/nieuws/binnenland/frank-deboosere-het-zou-veel-beter-zijn-om-het-hele-jaar-door-de-wintertijd-te-behouden~a20e18d30/?referer=https%3A%2F%2Fwww.google.be%2F

Hier en nu, in deze materie, meet ik me de arrogantie aan om te denken dat het voor iedereen beter zou zijn om dit gewoon zo te doen. Altijd wintertijd! Allez, ’t is te zeggen, dat is dan nog steeds een uurtje voor op de vroegere gewone tijd. Voilà. 😊  

deze werd automatisch aangepast

Waar schrijven me al (niet) brengt.

Dat ik op een bepaalde manier asociaal ben, is algemeen geweten in mijn mensenkring (de kring van kennissen, vrienden, familie, …) en die kring is niet zo groot. Wanneer het kan, vermijd ik drukte. U zal me dus niet snel in allerlei verenigingen tegenkomen.

Vind ik dat erg? Ik worstel er niet meer zo mee. Het alleen zijn, is iets wat ik nu heel erg nodig lijk te hebben. Het is letterlijk te voelen. Lijfelijk én mentaal doet deze (ogenschijnlijke) stilstand me goed. Letterlijk te voelen omdat ik het in letters die woorden vormen neerpen. Echt, met pen en papier in een schrijfboekje (#Schrijfmeditatie).

Wat voel ik dan? Het voelt alsof er een rem op mijn lichaam staat. Er werd me zo vaak gezegd dat ik naar mijn lichaam moest luisteren. Hoe doe je dat dan? Tips krijg je te over, wanneer je ‘ziek’ bent. Het is steeds goed bedoelde raad. Maar net daar nijpt het schoentje. Alle goede bedoelingen ten spijt, het hielp niet. Ik voelde me schuldig en boos tegelijk. ‘Wat zit iedereen toch te praten? Alsof ze ervaringsdeskundigen zijn.’ en ‘Oh ja!? Ooit zelf gedaan?’ Net die goede bedoelingen, die raad, gingen aan me voorbij wanneer ik daarna weer thuis was. Ik was bezig anderen te plezieren in luisteren naar hun, soms uitgebreide, raad (want ze bedoelen het toch goed). Vaak was ik zelfs ambetant omdat ik niet eens meer wist, hoe te reageren. Ik piekerde me suf hoe ik dit zou aanpakken. Dat alles maakte me  vaak heel boos (en zweeg hier meestal over).

Er is iets met ziek zijn dat anderen precies heel alert maakt. Ineens is er een gespreksonderwerp, een doel voor mensen, een zich-goed-voelen want iemand geholpen. Het komt erop neer dat ik het op die manier ervaren heb, het protégeeke. Zelfs (h)erkend bij mezelf. Zeker uit de beginperiode dat ik werkte in de zorgverlening.

Compleet negeren is dan weer de tegenhanger.

Uiteindelijk gaat het om het camoufleren van een ongemakkelijk gevoel. Dat ken ik ook, zowel het ongemakkelijk gevoel als dat camoufleren. Het is doorzichtig, ik ben doorzichtig.

Natuurlijk weet ik dat mensen bezorgd zijn. Dat is nu net het punt. U bent bezorgd in uw kader. Ik wil graag in mijn kader blijven. Als ik in uw kader van bezorgdheid ga staan, ben ik mezelf kwijt. Als ik u in het mijne trek, maak ik van u een zondebok. Een overlapping van kaders … zoals de verzamelingen in de wiskunde. Ik ga die termen niet opzoeken, maar er was toch iets met gemeenschappelijke elementen of zo? 😉  

Het beste is iemand in zijn/haar verhaal laten en zich daarvoor niet te moeten verdedigen. Aanvaarding gebeurt in deze wederzijds. Ieder wil in zijn/haar eigen verhaal aanvaard worden. Wat nog niet betekent dat u het eens moet zijn.

Ik werd er in elk geval helemaal tureluurs van tot mijn lijf en hoofd maar bleven STOP! roepen. Die piek kwam in de zomer.

Zelf houd ik me liefst niet bezig met een lijst van ‘hoe ga je het best om met een chronisch zieke’, daar bestaan legio voorbeelden van. Ga er wel van uit dat die persoon echt al heel veel zelf weet, opgezocht heeft, met LOTgenoten heeft gepraat, een andere, eigen manier ontwikkelt om in het leven te staan. Het is vermoeiend om mijn verhaal te vertellen en ‘verbeterd’ te worden. Het is – omgekeerd ook voor mij geldend natuurlijk – frustrerend om ‘goede raad’ te geven die toch niet opgevolgd wordt.

Nu ben ik veel thuis of in mijn eentje ergens te velde (of te parke, te kuste, te bosse, te waar dan ook 😉), ik doe wat voor mij goed aanvoelt. Het lijkt alsof ik hiervoor ook ‘tijd’ heb, maar dat is nu net iets wat je aan een monsterpatiënt niet kan zeggen, echt niet! Ik heb geen tijd, niet meer dan u. Ik vul mijn tijd anders in, zoveel mogelijk zoals het aanvoelt, soms zoals het niet anders kan. Geloof me, dat gebeurt echt nog. Gelukkig ook nog zoals ik het graag doe.

Ik voel mijn lichaam nu beter aan. Sinds september doe ik aan Tai Chi. Dat is wel een hele stap geweest, naar mijn lijfgevoel. Sinds augustus doe ik schrijfmeditatie, dat is een hele stap geweest voor mijn mentaal gevoel. Alles mag er zijn, het hoeft alleen niet meer te zeer op de voorgrond gehouden te worden.

Bij wijze van voorbeeld, een heikel punt van mij is goed slapen. Ik heb ECHT al van alles geprobeerd. Ik pieker er niet meer zo over tijdens die nachten dat ik meer wakker lig. Verwoede pogingen om weer in slaap te raken, adrenaline opbouwend met de boze gedachte dat ik niet uitgerust zal zijn en dus nog wakkerder blijf, zijn er niet meer bij. Wat ik meer en meer doe en waarin ik vaker slaag, tenminste in die mate dat ik rustig blijf, is me richten naar waar ik spanningen voel en die probeer op te heffen. Ook let ik veel bewuster op mijn adem. Dat maakt me rustiger.

Elke gedachte passeert, gaat weer weg, zoals een wolk die voorbij zweeft, een vlinder die weg vliegt, ze mocht er zijn en ze vloog weer weg.

Natuurlijk heb ik dan meer slaapmomenten overdag. Daar geniet ik nu van in plaats van me schuldig te voelen. Het is overigens nog maar zelden geweest – sinds het monsterverdict – dat ik een hele dag op de been kon blijven, zelfs na goede nachten. Ik word er niet meer boos van. Het is wat het is (citaat van een kranige tante van mij die jààààren voor haar man gezorgd heeft, die een zware hersenbloeding had en met de gevolgen daarvan een heel ander leven te leven had).

Ik vergelijk mezelf nog zo zelden mogelijk met anderen. Het wekt irritatie op. De ene werkt heel veel, de andere heeft het druk in het gezin, nog iemand anders voelt zich gewoon niet goed wanneer die niet in gezelschap is, … het kan wel allemaal zo zijn, maar ik heb er geen schuld aan. Dat steek ik me niet in mijn hoofd. Hoogstens in mijn hart. Ieder doet met die tijd die hij/zij heeft, wat hem/haar het beste lijkt. Ik ben de enige die altijd bij me is, daar moet ik het mee doen.

Ik stel me wel eens de vraag, als dat duiveltje schuld nog eens komt piepen, zou ik willen/kunnen ruilen met die drukte van X of die overmatig plichtsbewuste Y ? Neen, ook al voel ik me in mijn toekomst wel eens hachelijk onbestemd. Neen! Ik wil niet ruilen. Ik wil gewoon weer Mie worden, een beetje anders en toch dezelfde. En die treedt wel weer eens naar buiten, zeker weten … denk ik toch 😉

Wees gezond! Doe gezond! En als je zondigt, geniet er dan van zonder schuldgevoel.