Iemand anders’ woord nog een keer

Soms kruisen mensen je pad en zonder zoeken, vind je verrassend positieve vibes. Ellen is zo iemand. U weet nog wel, hier sprak ik al over haar. Haar teksten lezen als een trein.

Haar laatste bericht is – helaas – geen fictie. Het is de uiting van haar bezorgdheid na een lezing over een ‘mogelijke’ verbetering van het zicht bij slechtzienden/blinden. Ellen uit haar ongerustheid hierover. De wetenschappers antwoorden…

Leest u de blog (die ook vlot leest). De eerste link erheen is de Nederlandstalige*versie. De lezing waarover het gaat, is origineel in het Frans. Vandaar ook een version*française.

Ellens ongerustheid is terecht. Ze heeft dus ook recht op gefundeerd antwoord op haar vragen. Voelden deze wetenschappers zich bedreigd? Nochtans verrichten ze waarschijnlijk baanbrekend werk waar wie er zelf voor kiest mee kan instappen. Waarom kreeg Ellen geen duidelijk antwoord? Zelfs als deze mensen het antwoord op haar vraag zelf nog niet weten, lijkt het me op z’n minst eerlijk om dat ook te zeggen en de weg open te laten om naar eenzelfde golflengte te zoeken in de communicatie.

Ik vind het gevaarlijk om te stellen dat iemand die een praktische vraag stelt, nadat ze zichzelf uitgebreid heeft voorgesteld (lees: figuurlijk blootgesteld), het antwoord krijgt dat ze psychologische hulp moet zoeken.

Wordt er ooit nog wel geluisterd zonder te willen oplossen (vaak instant)? Wordt er ooit nog wel geluisterd zonder in een vakje te steken? Wordt er ooit nog wel geluisterd zonder meer? Wordt er ooit nog wel geluisterd zonder beter weten? Maar eerder doorgevraagd als het niet echt begrepen wordt?

Alsof haar visuele beperking haar mentaal vergiftigd zou hebben. Ik ken haar al een tijdje, vooral via Zoom ontmoetingen bij schrijfcursussen en kan u verzekeren dat mentaal vergiftigd wel het laatste is wat ik van haar denk. De reacties op haar blogberichten liegen er niet om. Ellen is veel en veel meer dan haar visuele beperking.

Verder ben ik het wel eens met sommige commentaren die vertellen dat het lijkt alsof een mens in een maatschappij die naar perfectie streeft, niet meer imperfect mag zijn. Uiteindelijk schreeuwt dit alles om het laten bestaan van diversiteit. Angst was toch altijd al een slechte raadgever?

In gesprek met haar, dat kind.

Mijn innerlijk kind.
Regelmatig ga ik in gesprek met ‘haar’. Soms neem ik er een foto bij. Soms gebeurt het zomaar. Deze foto, die ik al eerder deelde, deed me denken aan onbegrepen ogenblikken in mijn kinderleven. Ik kom nu tot dit gesprek.

De dialoog:

Kind: Zijn wij hetzelfde?
Ik: Ja, een beetje wel.
Kind: Maar jij gaat eerder dood toch?
Ik: Ja, ik ben ook veel ouder.
Kind: Ja, jij bent veel ouder, dat is zo.

Ik: Maar vandaag ga ik nog niet dood hoor.
Kind: Neen. Het zou ook niet eerlijk zijn. Er zijn nog veel oudere mensen. Die zouden eerst moeten doodgaan.
Ik: Ja, dat is waar. Dat is niet eerlijk. Maar toch gebeurt het.

Kind: Is dood zijn zoals slapen?
Ik: Ik weet het niet, maar ik hoop het wel. Misschien worden we over duizend of nog meer jaren weer wakker als baby. Dan beginnen we weer opnieuw.
Kind: Ja, de max! Maar nu nog niet hé?
Ik: Neen, nu nog niet.

Kind: Nu ben ik ook al blij genoeg 😊

Heel leerzaam overigens om te ontdekken wat er in me zit. Zelfs geen oordeel. De innerlijke criticus wil mij/haar het zwijgen opleggen.