Over verdwijnen in boeken

Ik lees graag en probeer er véél lezen van te maken. Het is zoals mijn verhouding tot eten toen ik nog een kind was: veel! Lekker zou de tijd wel uitwijzen.

Op Hebban houd ik sinds kort bij wat ik lees en af en toe zet ik er zelfs een korte recensie in. Omgekeerd lees ik ook graag wat iemand anders van een boek vond; over de personages, de opbouw van het verhaal, hoe vlot het leest, enz.… Ik houd niet van de samenvatting van het boek. Die staat meestal al op de achterflap. Dat weet de lezer al.

Tussen fictie en non-fictie proef ik van genres en schrijvers. Tussen die genres mag het gezegd: Ik houd ook van misdaadverhalen. Verhalen waar de spanning ten top stijgt, de lezer tot bijna of helemaal het einde van het boek in een koortsachtig enigma blijft verder lezen. Ikzelf voel me dan een meedogenloze bladzijdemoordenaar.
Voorspelbaarheid is daar nefast. Soms haak ik af, maar bij een schrijver waarvan ik al (bijna) alles gelezen heb, wil ik toch verder lezen, zien wat er gebeurt, word ik nog verrast?

Het laatste boek dat ik las, ‘Een appartement in Parijs’, is er een van Guillaume Musso, een Franse schrijver van misdaadverhalen. Niet zijn beste boek wat mij betreft, maar om het te kunnen becommentariëren heb ik het wel uitgelezen. Van Musso heb ik er vier becommentarieerd, waarvan dit boek het minst positief. Al vermeld ik er wel uitdrukkelijk bij dat ik houd van de quotes waarmee hij haast elk hoofdstuk begint of in een hoofdstuk neerzet. Musso lijkt me een zeer belezen man.

Dit is mijn commentaar:

Ik heb het helemaal niet als spannend ervaren. Geen pageturner voor mij. Omdat het Musso is, ben ik wel blijven verder lezen.
Iets te onwerkelijk, twee figuren die overmatig met elkaar in de clinch liggen. Het kwam op een keer kleuterachtig over.
Te veel gegevens bij sommige figuren. Dat werd worstelen door het verhaal. Ik hoopte toch nog verrast te worden bij andere figuren, helaas.
Het einde was bijna grappig, als het niet zo'n torenhoog cliché was.
Daar werd te veel in verklaard. Als veellezer acht ik me wel in staat om zelf tot conclusies te komen.
Zelfs een goede schrijver heeft wel eens een dip...?

Overigens, ik las meer boeken dan ik becommentarieerde. Meer dan ik in ‘Mijn Hebban’ heb staan. Interesse? Zie Hier.

Verdwijnen in een boek, wetend dat ik terugkom, ooit … en er over vertel, zelfs dat.

AMK

Bron foto: https://www.hebban.nl/boek/een-appartement-in-parijs-guillaume-musso
Bron quote : uit het boek ‘Een appartement in Parijs’, G. Musso.

Uittussen – oktober

September uit   bijna 
ook oktober

de Herfst

de vele volle kleuren
de dagen met routine

herfst met H !

de normale ellende
voor de tijd van het jaar
en uitgehoeste buien

de jarige (twaalf al, zo groot)
de ongeplande ontmoetingen
Ensor, ik ben er nog

de drukte van verzet
tegen donkere dagen
drukkender dan zomerhitte

en herinnert u zich deze nog
de verkiezingen en ook
17 oktober - ik weet het van
die ziekte en toch

voor mij meer dag van Verzet
tegen Extreme Armoede
en een beetje Moederdag
vanwege Haar-17-oktober

Stilgevallen? vroeg ik onlangs
zoals ikzelf ooit stilviel
ingebakken vooroordelen

het ongemak van onbekend
zoals alles wat ingebakken is
uitbakken is moeilijker

de wereldgebeurtenissen
waarom zet ik de tv steeds minder aan?
blij met mijn on-BV-schap met mij elke BV *

Oktober ditjes en datjes
de routine zit er weer in
’t is goed zo

Mag de natuur rusten ?
vertrouwen krijgen dat ze
herleeft zoals ze altijd al deed

Oktober ditjes en datjes
op adem komen uitrusten
en alle dagelijkse ‘ge kent dat wel’s

bij tijd en wijle anekdotes
maar voor nu …

dat zien we morgen dan wel weer
oogjes dicht en snaveltjes toe

AMK

*bizarre humor (BV: bekende Vlaming)

Foto meneer de uil: https://kindertvgeheugen.nl/songteksten/6714-fabeltjeskrant-songtekst

eigen foto : standbeeld Ensor  

Het universum – Enigma

Tijdens dat uitje    

Een ander verhaal
het passeren van herkenning
die blik had ook ik zo’n blik ?

En ook een lichte knik
een groet
was het een echte groet ?

hem ken ik
ooit kende ik hem
wie is hij nu toch?

mijn gezelschap kent hem niet
stilstaan omdraaien nakijken

dat is hij wel waard in
dat moment het nazien


En dan

ook hij draait zich om
kijkt in onze richting
één nanoseconde twijfel
dan draaien we ons weer om

En nu

De vraag en mezelf berispen

Waarom sprak ik hem niet aan?

En misschien wie weet maar
zelfs dat weten nodigt niet
als ik dit de wereld instuur

Zou het universum me dan horen ?

AMK

Intussen (3) – veel en weinig of

Nog steeds september
soms nog zomer
soms al herfst
vastere plannen
beetje muzikaal
beetje (nabije)
toekomst gericht

En dan dat uitje

Een van de plannen
meer uitjes zoals in
de zomer of de frisse
winter

Cadeautje klaar ook
de tuinwaardige plant
de rustige knegkedeng
het weerzien en rondom
de Limburgse tred en
die notenwaardige taal

De babbels de wandels
en D-Day in het verschiet
de verhalen zelfs de niet
vertelde ook die waren er

Daar in het Raadsel
bij een nieuw – voor mij -
Grieks biertje en iets te
vele even Griekse hapjes
de oeroude gedachte

het moest maar zo lekker niet zijn

De onderweg naar terug
al donker en nog rustig
en de andere cadeautjes
ook loukoumi dicht bij mij
en echt veel knegkedeng

Een dag in September

en het enigma van die andere ontmoeting ...

AMK

Schoolopdrachtgesprek

Zo tussen oude gewoontes oppikken en nog zomerse goesting, knaagt er iets; het knabbelt, het pest me, het lacht me zelfs uit.
Ik krijg er geen vat op.

Wat is dat toch ? 

Verveling is het niet. Ik raak gewoon niet uit de startblokken. Wat ik dan wel vaak doe is de (al dan niet stoute, ik weet dat nooit voorop) schoenen aantrekken en gaan wandelen. Dat lijkt goed te zijn om te ontkoppelen. Voor mij van de chaos in mijn hoofd.

Dat ging vandaag vrij vrolijk. Aan een kruispunt werd ik aangesproken door drie tienerjongens die met een schoolopdracht bezig waren.
Of ze me enkele vragen mochten stellen. Ze noteerden alles met pen op papier. Dat papier ondersteboven tegen hun jas duwend, maar ook weer niet te veel druk wegens – naar ik vermoed – gaatjesvorm in dat papier. Wie kan dat nog lezen achteraf?

De vragen waren niet moeilijk. Ze wilden eerst weten hoe ik noemde. Ik antwoordde dat ik niet noem. Ik heet wel Anne-Mie. Blijkbaar was dat grappig. Maar goed want dat was ook zo bedoeld. Mijn beroep vonden ze ook nodig om te vragen, zelfs al doe ik dat nu niet meer. En wat ik deed, toen ik nog werkte, om de dag energiek te beginnen.

Koffie natuurlijk !

U ziet, geen moeilijke vragen, geen moeilijke tieners, vrolijkheid alom.

Nu ik erover schrijf, ik heb af en toe een gesprek(je) met mensen, die ik zomaar tegenkom. Ik sta er niet altíjd voor open en anderen ook niet. Zoals die klant bij de bakkersafdeling, die een koffiekoek wilde pakken. Ik waarschuwde dat er wespen (twee!) in die kast vlogen. Koelbloedig nam ze haar koeken, stak ze in een zak en verdween. De wespen zaten er nog. Ik was ontkoppeld.

AMK

foto jongens: hier (nl.freepik.com)
foto koffie: eigen foto

Intussen (2)

Nog september
nog zomer
nog plannen
nog energie
geen vaste keuze
noch een losse

Een richting
dat wel -
intussen denkend
aan een andere
vissersstoel
met visser -
niet ver hoor
noch vlakbij
die richting
niet de vissersstoel

Zoals wolken massa’s
of enkelingen in of
uit elkaars gezelschap
‘s zondags slenterend
tegen het hoge onschuldig
schijnende blauw

Het is nog September!

AMK

Buszitje 3

een beetje nonsens tussendoor

Eergisteren nam ik de bus. Het was 11 juli, iets met Vlaamse trots. Doch vermoed ik dat dát niets te maken had met de aangekondigde staking van De Lijn in Antwerpen. Dat had ik eer-eergisteren gezien toen ik met de tram terugkeerde van ergens naar ergens anders.

De bus die ik op 11 juli zou nemen was lijn 21. Geen enkele 21 reed op het uur dat ik het nodig had. De lijn 32 kon ook nog. Daar waren er regelmatig van volgens de app van De Lijn. Het was warempel waar! Er kwam een 32 aan, die stopte voor mij en ik mocht mee. Ik had zelfs een goed zitje.

Bij het terugkeren, enkele uren later, besloot ik te voet te gaan. Lijn 21 reed weer sporadisch. Die zat echter bomvol. Onderweg passeerde ook een 32 en ik dacht nog:

Allez, nu had ik die nog kunnen nemen.

tot ik zag dat ook die bus volgepropt zat.

Hoe zouden de mensen zich daar voelen? Sardientjes in blik?

Dat was een andere gedachte van mij.

Gedachten nemen mij vaker mee naar plaatsen die niet echt bestaan doorheen bochten en over paden. Ikzelf vind dat ongevaarlijk.

Tenslotte was het de elfde juli, iets met Vlaamse trots, 32 min 21 is 11? Dat klopt als een bus, niet? Alleen is de 11 geen bus. Dat is een tram, die al een hele tijd niet meer rijdt, naar ik vermoed, wegens werken aan de sporen en de straten waar die lijn doorkomt.

Ik had onderweg naar terug ook een zitje…

AMK

Bron foto onderaan: bus32

Digitale anekdootjes

Gisteren kreeg ik een mail van een apotheek waar ik vroeger al eens bestelde. Ik was er altijd tevreden over. Eventuele problemen werden correct afgehandeld. Daarom was het volgende raar om te lezen:

Betaaluitnodiging bestelling 2024-07-02  11:19.

Dat klonk verdacht! Ik had helemaal niets besteld. Op de website van die apotheek zocht ik het emailadres en richtte een bericht naar hen met de melding dat er waarschijnlijk fraudeurs bezig waren. In bijlage stuurde ik ook twee print-screens van de mail zelf. Daarna had ik ook ‘geklikt’ bij de fraudebestrijding. Voor wie dat ook (vaak) meemaakt: u kan zulke mails doorsturen naar: verdacht@safeonweb.be.

Een halve minuut later belde een mevrouw van de betreffende apotheek me op en zei dat ze ’s ochtends nog met mij gesproken had. Ze noemde twee medicijnen waarvan ik nog nooit gehoord heb. Dat vertelde ik haar. Ze noemde zelfs mijn naam en adres. Die waren juist.

Wie was dan de echte klant van deze bestelling?

Vreemd! Tot ze het zag op haar scherm. Het telefoontje dat ze ’s ochtends gepleegd had, was met een totaal ander nummer. Ze zou het uitzoeken. Ik heb er niets meer van gehoord. . Het zal wel in orde zijn. Ik hoop voor haar dat de medicijnen niet al verstuurd waren.

De mens, laat hem aub artificiële en andere digitale intelligentie de baas blijven.

Vandaag is de dag van de waarheid voor mijn tanden. Na twee sms-berichten en twee mails bovenop mijn digitale agenda die me verwittigen, kon ík het zeker niet vergeten.

Deze keer brandt er licht. Ik ben mooi op tijd, tien minuten eerder zelfs. Nog even wachten, denk ik als ik nog een jongeman zie zitten in de wachtkamer.

Gestommel na gepraat in de behandelkamer doet me rechtop zitten. Die deur gaat open en er komt een dame binnen die zich nog even zet. Ze vertelt dat haar tanden nog in de camion zitten. Ze moet ook nog wachten. De jongen vóór mij is gelukkig snel klaar, ware het niet dat hij nog een keer de praktijk binnen komt lopen met de vraag waar exact de apotheker is.

Hoezo? denk ik. De tandarts had het hem toch goed uitgelegd?! In het Engels nog wel:
“You take the street outside. On the overkant of the street is the apotheyker.”

Rond halftwaalf mag ik binnen.

“Nu is het wel gelukt!” zegt de tandarts doelend op de fout gelopen afspraak van vorige week. Ik beaam deze waarheid.

Na nazicht vraagt hij of ik nog ergens last van heb. Ik vertel dat en dan antwoordt hij: “Dat is een beetje normaal bij het ouder worden. Op zeventig jaar kan dat natuurlijk wel.”

“Zei u nu zéventig?” en mijn ogen zijn gericht op het scherm links boven mij waarop mijn tanden digitaal en mooier dan in werkelijkheid zijn afgebeeld, waarnaast mijn gegevens vermeld staan.

“U bent toch mevrouw A.M. Knaepen?”

“Ja dat ben ik, maar ik ben geen zeventig! Ik ben zestig!!”

De tandarts staat op en zoekt in de computer op zijn bureautafel. Ik vertel hem mijn geboortedatum nog eens. Hij had mijn geboortejaar de eerste keer verkeerd ingegeven. Ik zie het veranderen op het scherm boven mij.

Oké. Alles in orde. Ik betaal, bedank hem en zeg dat ik zelf weer een afspraak zal maken via het digitaal afsprakensysteem (waar mijn geboortedatum wél juist staat).

Hem hardop horen denken en zoeken welke muisklikstappen hij moest zetten om het getuigschrift op te stellen en af te rekenen, vond ik dat veiliger.

Ik heb intussen bericht in mijn e-Box dat het getuigschrift is aangekomen. Toch nog even op mijn kalender van papier met inktvolle pen noteren wanneer ik de nieuwe afspraak boek.

AMK

Afspraak van vandaag

Acht op tien

Vorige week had ik een videogesprek met een adviseur van mijn bank. Dat was best een fijne ervaring. Om te verduidelijken, het heeft niets met financiële rijkdom en zware beleggingen te maken.

Ik kreeg het advies waar ik om vroeg en daar kon ik wat mee doen, of niet natuurlijk. Overigens had die persoon best goede looks, een aangename stem en vertelde me op een rustige doch directe manier wat ik wilde weten.

Voilà…. dacht ik. Ik kreeg maandagochtend een feedback formulier in mijn mailbox dat ik invulde. Ik heb geen enkel idee hoe een adviseur van de bank zich hoort te gedragen maar niemand is perfect. Dus alles samen kreeg hij van mij een acht. De ‘verstuur’ knop kreeg een klik.

Voilà … dacht ik. Maandagnamiddag kreeg ik telefoon van mijn bank. Die had ik net gemist.
Dinsdagochtend, klaar voor mijn wandeling –uithouding en stevig wandelen aan het opbouwen – Strava net ingesteld, rinkelde mijn gsm met oplichtend logo van de bank. Ik nam op. Zal wel iets zijn dat ik (weer) vergeten ben, dacht ik nog.

“Goedemorgen, mevrouw Knaepen, hier met V. ChX* van mijn bank. U heeft een enquête ingevuld en u heeft mij acht op tien gegeven”
“Ja dat klopt!” Bent u niet tevreden?
“Het zit zo, als wij op een enquête minder dan negen op tien krijgen van een klant, moeten we hen opbellen om te vragen of er iets is dat ons verbeterpunt kan worden.”
Euhm??” (hardop gezwegen)

“Mevrouw Knaepen?”
“Ja, ik ben er nog. Maar een verbeterpunt zou ik u niet kunnen geven. Het bankwezen is voor mij Chinees, Japans, Kretenzisch dialect (ik versta dat nog altijd niet), dus ik zou echt niet weten waar het fout ging. Acht is omdat het altijd beter kan, perfectie bestaat niet? Toch?“

(hier moet ik er wel bij zetten dat ik niet meer exáct weet wat ik zei, dit is dus naar alle waarschijnlijkheid ietwat uitbundiger)

Meneer V. ChX*  scheen tevreden met dit antwoord. Ik dikte het nog wat meer aan met ‘goed geholpen’ en ‘duidelijk antwoord op mijn vragen’ en kers op de taart (als hij van taart zou houden) ‘ik mag terug bellen als er nog vragen zijn”.
Volgens mij was meneer toen gerustgesteld. Hij bedankte me nog eens en wenste me een fijne dag. Ik hem ook.

Achteraffer die ik ben (zie Annie M.G. Schmidt) dacht ik aan wat ik nog had kunnen zeggen bij wijze van humoristisch afsluiten… U kan het goed maken met een koffietje…

Ik ben wel blijgezind gaan wandelen en heb fors doorgestapt. Al stemt het toch wel tot nadenken, zo’n mentaliteit, als acht op tien niet goed genoeg is…

AMK

*om privacy redenen heb ik zelfs meneer zijn initialen veranderd…

Nootje kraken

Mijn tanden zijn geen notenkrakers en om het half jaar neem ik hen mee naar de tandarts. Regelmatig nazicht en de nodige behandeling helpen om vooraf gekraakte noten wel nog te knabbelen.

Enkele weken geleden was dat half jaar weer voorbij. Helaas werd ik toen geveld door iets nu-al-niet-meer-belangrijk. Ik mocht de afspraak verplaatsen. Dat telefoongesprek ging nogal snel: “27 juni om 14u”, dat was oké en de verbinding werd verbroken.

Gisteren was het 27 juni. Ik ging door brandend weer en hete wind op weg naar de tandarts, tramsgewijs en deels te voet. Ik voelde me als een Eskimo die zichzelf voortsleept in de woestijn (hoewel ik nog nooit een Eskimo gesproken heb, die zoiets gedaan heeft).

Die praktijk bevindt zich onderaan een appartementencomplex, aan de achterzijde. Daar aangekomen zag ik dat de deur met een slot vast zat. Waarschijnlijk ook met een sleutel gesloten, dat heb ik niet uitgeprobeerd, wegens achterlaten van vingerafdrukken. Tegenwoordig weet een mens maar nooit wie nog na komt, de boel forceert (met handschoenen aan, ondanks de hoge temperaturen) en ‘ze’ bij mij uitkomen tijdens het onderzoek.

Ook al houd ik van traagheid, toch was ik gisteren blij met de wonderbaarlijke vooruitgang van de digitale snelweg. Ik vond – onhandig wegens nogal klein klavier op mijn smartphone – op de website van de tandartsenpraktijk dat hij daar op donderdag niet werkt.  

Heb ik dat dan zo verkeerd begrepen? Zou hij juli gezegd hebben i.p.v. juni? Zevenentwintig juli valt op een zaterdag en dan werkt hij ook niet …
Ik ging naar huis, weer via de woestijn; er was geen andere weg. ‘Dat is iets om morgen uit te zoeken’, dacht ik plakkerig.
Weer thuis was ik stiekem blij. Gisteravond was mijn laatste ukelele-les van dit schooljaar en ik zou niet graag daar gezeten hebben met een nog half verlamde mond.

Hedenmorgen opende ik weer die website, maakte een afspraak online en belde hem voor de zekerheid nog eens op om het bevestigd te zien. De tandarts nam op. Oef, er is gelukkig niets ergs gebeurd. Het was een misverstand. De digitale snelweg is niet feilloos. Het systeem had de nieuwe afspraak niet opgeslagen.

Volgende week doe ik weer een poging. Ik heb deze keer wel een bevestigingsmail gekregen. Hopelijk doen mijn tanden het nog. Misschien nog eens een nootje kraken om uit te proberen?

AMK