Boekenchallenge 8 – Hoe vermoord ik mijn familie? van Bella Mackie

Ik zou dit jaar via de Hebban-challenge twintig boeken lezen. Al zijn uitdagingen steeds minder aan mij besteed, wil ik wel zien hoe ver ik geraak. Inmiddels heb ik er vijftien gelezen, aan het zestiende begonnen.
Niet alles wat ik lees, zet ik in mijn blog. Dat zei ik al. Overigens ben ik nogal eens in twee boeken bezig. Het ene liefst zo verschillend mogelijk van het andere.

Naar het boek dan: Hoe vermoord ik mijn familie van Bella Mackie

Ik had van dit boek al wel gehoord, maar nog niets gelezen van Mackie. Dat boek blijkt haar debuut te zijn. HIER leest u waarover het boek gaat.

Het belooft hilarisch te zijn, zo te lezen op de achterflap. Dus nam ik het uit de bibliotheek mee. Misdaad gemixt met Britse humor, een streling voor mijn oog en lachspier.
Hier bleek een waarde die ik voor mezelf probeer te hanteren duidelijk: ‘verwachtingen hebben, is een voedingsbodem voor teleurstellingen’. Het boek werd naar mijn zin te langdradig. Nochtans is de plot goed al zal het niet origineel zijn nl. wraak nemen op familie die het hoofdpersonage, Grace, in de steek lieten.

Ze schrijft haar memoires in de gevangenis (voor een moord die ze niet heeft gepleegd, dat vond ik genoeg om het boek te lenen uit de bib) en bekent in haar boek de moorden die ze wél pleegde. Ze schrijft er ook bij hoe ze tot het idee komt om haar familie te vermoorden.

Vanuit haar standpunt is het te begrijpen waarom ze die gruwelijke dingen doet. Toch na de tweede moord – ze wil nogal wat gerechtigheid – wordt het wat voorspelbaar.
Wat ze zal vertellen over zichzelf, dat en hoe ze de volgende moord beraamt. Daar wordt te uitgebreid op ingegaan. Het lijkt me dat Mackie iets te enthousiast was met mededelingen over de voorbereiding van de moorden, wat het verrassingseffect op het moment suprême verknoeide.
Ook de al te uitgebreide beschrijving van Grace haar leven en dat van haar familieleden werd op den duur saai.

Ik heb het boek na ongeveer twee derde diagonaal verder gelezen. Iets dat ik zelden doe. Alsook op den duur het einde gaan lezen. De laatste hoofdstukken zijn helaas niet echt in mijn brein gebleven.

Jammer, want ik vond het leuk taalgebruik, op zich vlot te lezen, en in kortere versie zou het echt hilarisch zijn.

Laat het duidelijk zijn, ik houd van fictie in de misdaad, ik ga zelf niet aan het moorden, wie dan ook … 😉

Waarschijnlijk krijg ik mijn challenge niet af al heb ik nog een stapel boeken liggen die me aanstaren. Ongelezen boeken die mijn rek vullen en nog een bib-boek…

foto: Hebban

Schindler’s list trauma

Deze uitdrukking viel me te binnen toen ik naar een aflevering van Kabul keek. De serie speelt/speelde zowel op NPO als op Canvas en VRT Max.

Deze serie draait om de chaotische evacuatie en de val van de Afghaanse hoofdstad in augustus 2021, wanneer de Amerikaanse en NAVO-troepen zich terugtrekken als de taliban de macht overnemen. (Google, beter kon ik het niet uitdrukken)

Het gebeurde bij een scène in de laatste aflevering, wanneer Giovanni, de consul van de Italiaanse ambassade Afghanen in een vliegtuig probeert te krijgen. Daarbij ook een jongen die in de chaos van zijn ouders gescheiden raakte.
Giovanni zelf stapt mee op dat laatste vliegtuig, met die jongen. Hij vraagt zich af – in een gesprek met Joe (een Amerikaanse militair) – wat er van die kinderen, van hun ouders gescheiden, moet komen, alsook van de vluchtelingen die in Italië geraakt zijn. Hij lijkt zo intens radeloos, al heeft hij zoveel mensen wél geholpen. Al heeft hij verschillende keren zijn leven gewaagd. Hij lijkt op dat moment vooral begaan met diegenen – zelfs mét visum – die hij niet heeft kunnen helpen en meenemen. Hoe zwaar voelt dat? Hij moest in die wetenschap weg.

Bij dat beeld dacht ik aan de bekende film. Hoeveel tranen liet die man voor de mensen die hij niet heeft kunnen redden van de dood in de Tweede Wereldoorlog?

Giovanni lijdt aan het Schindler’s list trauma! Een oorlogstrauma! Het gevoel nooit genoeg kunnen doen en de onmacht daarvan. Hij was niet de enige.

Zoals steeds: geïnteresseerden in deze serie, deze materie: Google, ga naar de bieb, kijk tv, …
Foto:
HIER

Dagboek van iets anders

Het is lang geleden dat ik over het monster schreef, de reden dat ik deze blog begon.

Vandaag de dag vind ik het saai geworden. Het is dezelfde sh*t (u bepaalt zelf me te pardonneren voor dit woord), dezelfde onvoorspelbare bijwerkingen en dezelfde mond dodende opmerkingen waarbij mensen hun ongemak in cliché mopjes steken of in de goede raad niet van tante Kaat. Daarom gooi ik de baxter-dag van vandaag nog eens op mijn blog. Om de zes weken wordt dat spul in mijn aders gedruppeld en niemand weet of het nog echt werkt of niet.

’s Morgens (te) vroeg. De bus kan amper manoeuvreren doorheen de zichzelf bewonderende selfies makende scholieren op de fiets. Niemand valt…

Een kwartier later. Ik wandel van mijn voorlaatste halte naar het ziekenhuis. Ik val gelukkig ook niet. Overigens, de knie is zwaar gekneusd. Laten genezen en niet meer vallen. Blijven rustig aan bewegen.  

Om en nabij halfnegen ben ik ingeschreven aan het onthaal en er is een zetel vrij voor mij in kamer twee. Hoi, geen wachtzaal vandaag!  

De bloedafname is amper een kwartier later. Ik vertel de verpleegster dat ik zwaar gevallen ben. In mijn beleving is dat ook zo. Ze is heel empathisch zonder zelf te vallen.

Rond kwart over negen kan ik bij de dokter komen. Ik heb intussen de bloedwaarden al zelf gecheckt. Mijn dokter is er niet vandaag. Ik ben niet happig op uitgebreide gesprekken met dokters die mijn dossier niet volgen. De bloedwaarden zijn goed en de baxter kan besteld worden.

Als u nu begint te gapen, gelieve niet verder te lezen, het wordt niet spannender.

Ik wacht en wacht … niet lang. Ik heb zicht op de refter van het personeel. Een vrijwilligster maakt in een mooi tempo koffie en zet een dienwagen klaar met kopjes, schoteltjes, suiker, melk én een mand met koekjes.
Ik kan niet niét staren naar de open deur. Ik kan de koffie niet niét ruiken.

Tien voor tien. De baxter hangt aan. Twee andere vrijwilligsters komen aan. De gezelligheid spat van hun gesprek af. Allez, kom nu met die koffie en dat koekje! De dienwagen staat inmiddels in de gang aan de deur.

Het halfuur dat het goedje moet indruppelen is voorbij. Er moet nog gespoeld worden. Ik bel en wacht op een verpleegster die dat instelt. Intussen blijf ik naar die dienwagen staren. Allez, kom nu met die koffie en dat koekje!

En ja hoor, eindelijk! Ik krijg een koffie en mag kiezen uit de mand. Intussen spoelt die andere baxter met Na Cl 0,9% alles nog eens goed door. 

Leve de vrijwilligers die koffiezetten. Betere koffie dan die van de automaat.

Zo, ik had mijn koffie. Ik ben al vóór elf uur klaar en mag vertrekken. Ik wens de meneer links van mij succes, zonder met mezelf te vergelijken. Mijn wensen zijn wel oprecht. Verder ga ik niet meer in gesprekken met andere patiënten. Zonder dat toe te lichten.

Een wandeling naar en door het park doet goed. Op het gemakje, dat vertelt mijn knie me. Ik heb voldoende stappen. Dat vertelt mijn lijf me dan weer. De batterij van mijn stappenteller aan de pols is plat. Een uurtje later lig ik plat.

Twee uur in de namiddag. Weer wakker. Het enige dat ik nog doe is nadenken over wat ik de rest van de namiddag ga doen. Ook zonder toe te lichten 😉

Foto’s: onderweg naar en in het park gemaakt. In de foto-opslag staan ze rechtop, waarom ze hier negentig graden naar rechts vallen is me een raadsel.
Bovenaan: in het ziekenhuis.

Boekenchallenge 6

De ene Nachtvlucht is de andere niet ... 

Ik zou dit jaar via de Hebban-challenge twintig boeken lezen. Al zijn uitdagingen steeds minder aan mij besteed, wil ik wel zien hoe ver ik geraak. Inmiddels heb ik er tien  gelezen, aan het elfde bezig.

Nachtvlucht van Suzanne Vermeer

Het boek trok aan omdat het verhaal zich in Kreta afspeelt en op zich spannend leek. Tegelijkertijd wist ik al dat Vermeer makkelijk te lezen is, te makkelijk in dit boek, zelfs voor een komkommerzomer. Jammer dat het een flop is geworden. Ik heb het toch helemaal uitgelezen omdat het verhaal zich in Kreta afspeelt.

Indien u geïnteresseerd bent in de inhoud, kijk HIER aub. Er staan recensies in die aansluiten bij wat ik er van dacht. Daarom heb ik er nog een schepje bovenop gedaan en ook wat geschreven. Gewoon omdat ik het boek vaak een belediging vond voor de bewoners van Kreta; te veel fouten en oppervlakkigheden.

Voilà. Ik ga nog enkele dagen doen wat ik deze maand deed: huisoppassen op een ander. Met al een volgend boek van mijn favoriete Schotse schrijfster. In mijn vorige Boekenchallenge-blog schreef ik dat ook al. Dat boek heb ik intussen uitgelezen. Indien u wenst kan u HIER de inhoud lezen.

foto’s: uit de boekenchallenge website.

Zevenennegentig

Weetjes van zoveel jaren terug:
De Grote Markt van Hasselt lag er die zaterdag zomers bij, met de typische tramsporen die toen nog dwars door het centrum liepen. Lokale cafés en winkels deden goede zaken dankzij het zonnige weer.
Hasselt kende in die tijd een bloeiende handel in stoffen en jenever. Inwoners lazen die dag in de lokale gazetten over de nakende nationale feestdag en de Ronde van Frankrijk. (google)

Gisteren en vandaag:

Hij weet het  neen
hij weet het niet echt
tot iemand het hem zegt

Dan weer wel toch
eet hij geen taartje
zoals soms nog – naar
uitgestelde gewoonte – wel
een chocolaatje

Zou hij het vandaag nog weten
welke belangrijke dag het is?
Vertel het hem en hij weet het weer!

Gelukkige verjaardag, papá !

foto  bovenaan: collectie stadsarchief – https://hasel.be/grote-markt

Taalkronkels

Ik heb dit jaar een scheurkalender gekocht van Onze Taal. Daar vindt een mens best wat weetjes al krijg je er de groenten niet mee in je soep, de badkamer gekuist noch kasten afgestoft. Interessant is het wel! 

Al houd ik ze niet zo vaak meer bij na het lezen en delen nog minder, volgende twee taalkronkels vond ik wel speciaal.

Het naamlettereffect 28 juni

In de kaart gezet in 1985 door een sociaal psycholoog Jozef Nuttin, hoogleraar in Leuven. Hij merkte op dat hij een positief gevoel kreeg bij nummerborden op auto’s als er zijn naamletters in voorkwamen. Het bleek een algemeen verschijnsel te zijn waarbij de proefpersonen vooral de beginletter van hun naam kozen. U kan het helemaal lezen op de foto’s. Het naamlettereffect werkt ook op mezelf. Toch interessant om eens te kijken welk effect dat heeft op u. Ik word blijer van mijn initialen en letterwoorden of zelfs van sommige cijfers op nummerplaten. Vaak zie ik een geboortemaand en jaar of maand en dag van iemand in.

De maand juli

Op zes juli stond er iets over de naam van deze maand. We hebben de naam juli te danken aan Julius Caesar. Het heeft iets met de Romeinse kalender te maken die achter liep op de werkelijkheid (wat dat ook mag betekenen, de Aarde trekt zich dat geen bal aan). Caesar zorgde voor de oplossing en maakte er 365 dagen van met om de vier jaar een dagje extra. In het jaar 45 voor Christus werden er twee maanden extra aan toegevoegd: de juliaanse kalender. De vijfde maand van toen (quintilis) werd de zevende en kreeg de naam julius. In onze contreien werd het juli.
Overigens ben ik juli geboren. Dat vond ik dan wel een extra weetje waard over de herkomst van deze naam.

Verder houd ik wel van de versprekingen of is verschrijvingen beter? Hieronder de kronkels die ik het grappigst vond (en toen ook op Facebook zette). Lach je krom of lag je recht.

Komkommerkronkels

De zomer kabbelt zo’n beetje voort alhier. We zijn bijna weer toe aan gesmolten woorden. Al vind ik het tot nu toe nog draaglijk. Ik hield altijd al van wolken en regen, van weer en wind naast de zon en zijn stralende warme aanwezigheid in deze tijd van het jaar. Te veel van al dat goeds vraagt aanpassing, die naar mijn gevoel verder gaat dan ruiten afplakken en airco installeren.

Tijdens de vorige hittegolf waren enkel de ochtendstond-tripjes  met veel goud in het rond koeler dan ikzelf. Van eigen ziekenhuisbezoek (de gewone zeswekelijkse baxter) naar vader mee helpen begeleiden bij een onderzoek of twee-drie (grote zus en grote broer doen het meeste) overheen veel siësta’s, lezen, tv kijken enzovoort. Liefst  misdaad-fictie. Zoals ik het ook graag in boeken lees.

Alleen tijdens de koele dagen was ik actiever; kuisen, de was, de plas, ramen aan de straatkant lappen, …

foto op Facebookpagina van Canvas : Facebook-Canvas
Dit lijkt echt komkommertijd, ware het niet dat het overloopt van de mopjes tegen Trump na de Amerikaanse nederlaag op het wereldkampioenschap voetbal. Ik zeg het er maar bij want ik hoorde van iemand via iemand dat er iemand was die niet wist waarom er aan zoveel huizen Belgische vlaggen hangen.  

Wandelen op een ander is ontdekkend. Waar geen auto een vogel overtreft in geluid, waar de haan vergeet te kijken hoe laat het is en de koeien u lui aanstaren bij het voorbij wandelen.
Hier of ook daar een heus groot bos met speeltuin voor kinderen en hun ouders, een mini dierenpark waar een prachtige pauw hautain zijn staart niet opendeed voor mij. Bambi was ook over en weer aan het stappen. Verder vonden de geitjes het wel tof, zo te zien toch, om iedereen die aan het hek kwam staan van een groet en een lik te voorzien.

Een katapultje terug naar mijn logopediedagen: Het kind in kwestie liet me fier haar boekje zien en toonde de oefeningen die ze er leerde. Het helpt haar goed vooruit want ze is heel taalvaardig. Wanneer ze het dan verstaanbaar kan zeggen, is dat voor haar aangenamer.

U ziet, de komkommers blijven nog even. Wie weet nog een taalkronkelblog in het vooruitschiet…

ps. naar het schijnt komt er nog een gedicht van mij in een bundel. Verder mocht ik er nog niets van zeggen…

Boekenchallenge 5 – Nachtvlucht van Glenn Meade

Ik zou dit jaar via de Hebban-challenge twintig boeken lezen. Al zijn uitdagingen steeds minder aan mij besteed, wil ik wel zien hoe ver ik geraak. Inmiddels heb ik er negen  gelezen, bijna aan een tiende bezig.

Nachtvlucht van Glenn Meade

Indien u geïnteresseerd bent in de inhoud, kijk HIER aub. Er staat ook een goede recensie bij.

De samenvatting van het boek trok me aan. Ik vond het in een leesgroep op Facebook.

Een gebeurtenis tijdens de oorlog in Irak is de kern van het verhaal.

Een vrouw verliest haar man, een oorlogsveteraan en twee kinderen in een vliegtuigcrash. De lichamen en het vliegtuig zelf zijn nooit gevonden. Acht jaren na deze tragedie komt er nieuwe informatie over de crash naar boven en wordt het steeds waarschijnlijker dat de inzittenden nog in leven zijn.

De vrouw begint een zoektocht en gaandeweg ontspint er zich een verhaal van de ergste soort. Niemand is nog te vertrouwen, ook degenen niet die ze in die acht jaren wel ten volle vertrouwde zoals bijvoorbeeld haar vader, ook een oorlogsveteraan, waar ze tegenop keek.

De auteur gebruikt echt gebeurde feiten, zoals vermissing van miljarden dollars, zoals koelbloedig onschuldige slachtoffers maken voor een buit, over geheimen tussen oorlogsveteranen, PTSS bij zwijgplichtigen, enzovoort.

De spanning sluipt er langzaam in, de achterdocht kan je bijna voelen binnenkruipen in het verhaal. Al vond ik het ergens doorheen het boek wat langdradig worden, de plot zat goed in elkaar. De laatste hoofdstukken nogal overdreven in gewelddadigheid. Al speelt het verhaal zich af in Amerika. Het deed me denken aan iets dat ik vroeger hoorde over cowboys: ‘eerst schieten en dan vragen stellen’.

Oorlog is sowieso niet goed te praten, maar dit verhaal laat het in al zijn lelijkste, corrupte en mensonterendste facetten zien. Niet moeilijk te verstaan dat degenen met geloof in vechten voor je vaderland zonder onschuldige slachtoffers maken er heel suïcidaal uitkomen. Om van de overlevende– in dit verhaal – nabestaanden nog niet te spreken.

Ik wacht nog even met zo’n realistisch ogend boek te lezen. Ik houd me voorlopig op echte fictie in de misdaad. Een van mijn Schotse favorieten … 😉

Gesmolten woorden

Naast de hersenmist en voor de lindeboom zweetgeur 
dag en dauw al vroeg op pad soms met een belofte

Die daar in de wolken zit en dan vraag ik me af
hebben zij het niet warm zo dicht opeengepakt

Voortijdig uit hun sokken geblazen zonder hun stem
te laten horen tot slierten uitgedund wegzweven

Opeengepakte gloed die verzengt zonder meer aan de
strakblauwe hemel haar welkom overmaats gemeend

Het zal wel een visioen zijn een intrinsiek verlangen
de wind uit het noorden te roepen om mij te omarmen

AMK

ps er komt niets diepgaands uit vandaag en de voorspellingen beloven veel herhaling hiervan.

Boekenchallenge 4 – De Amandelboom van Michelle Cohen Corasantie

Ik zou dit jaar via de Hebban-challenge twintig boeken lezen. Al zijn uitdagingen steeds minder aan mij besteed, wil ik wel zien hoe ver ik geraak. Inmiddels heb ik er acht gelezen, aan een negende bezig.

‘De Amandelboom’ van Michelle Cohen Corasantie.

Het boek beslaat een periode van iets meer dan een halve eeuw te beginnen in 1955 in Palestina. De oudste zoon uit een groot gezin leert al heel vroeg wat oorlog en bezetting betekenen. Indien u geïnteresseerd bent in de inhoud, kijk HIER aub.

Ik wandelde hierna enkele dagen zonder leesdoel verder.

Hoe een jongen van toen amper tien jaar argeloos zijn vader in grote problemen brengt en welk effect dat heeft op de hele familie.

Welke gevolgen de bezetting, toen nog niet zo lang, en de onderdrukking, de regels, de avondklok, de uitsluiting, de vernederingen en het ondergaan om te overleven met zich meebrengen. Aan de ene kant joden die pas uit de oorlog kwamen en velen van hen de holocaust overleefd en tal van geliefden en familie verloren. Wat moesten zij met al die wraakgevoelens? Dat wordt wel duidelijk in het boek.
Aan de andere kant de Palestijnen die hun land dat ze al zo lang kennen, steeds kleiner zien worden. Ook daar ontstaan wraakgevoelens en verzet.

Tussen dat alles door overleeft het gezin zo goed en zo kwaad mogelijk. Ichmad, zo heet de zoon, is hoogbegaafd en heeft het geluk gehad een goede leraar te hebben die hem ’s avonds, na zijn zware werk, verder les geeft. Ichmad raakt zo zelfs in een Israëlische universiteit. Daar past hij toe wat zijn vader hem leerde: probeer de ander te begrijpen. En dat deed hij. Zo komen hij en zijn Joodse docent tot een dialoog en later een samenwerking en vriendschap die tot hun oude dag duurt.

Natuurlijk zijn er nog andere gebeurtenissen en personages die belangrijk zijn, aan beide kanten van het verhaal. Het toont, hoe onwaarschijnlijk het ook klinkt, dat het met dialoog mogelijk is wraaklust op te lossen. Vergeten hoeft niet.

Ik hoop dat dialoog mogelijk is tussen de personen die echt over grote delen van de wereld controle hebben, al weet ik dat dat ijdele hoop is.

Ik schreef ook nog iets op Azertyfactor. Het is een tekst die ik voor wedstrijd schreef, een ultra kort verhaal. Ik sloeg het verhaal op onder de map ‘Niet gewonnen wedstrijden’ 😉
Heeft niets met het boek te maken.