Hoogte-, laagte- en andere punten – 2 (dagboekstijl)

Schrijven gaat me beter af dan praten, al zal hier of daar iemand mij eens graag horen zwijgen…
Had ik u overigens al verteld dat ik niet kan tekenen, doch wel graag kribbel in krullen?

Ik kreeg een mail dat het woonzorgcentrum nog steeds gesloten blijft voor bezoek. Er zijn te veel besmettingen en het breidt zich snel uit. Ik heb mijn vader nu al twee weken niet meer gezien. Gelukkig wel gehoord. En wanneer ik bel, klinkt hij toch nog (genoeg) opgewekt. Wel jammer dat we het cryptogram niet meer samen kunnen invullen.
De besmettingen razen overal rond, zo hoorde ik van een M. Zij en haar gezin zijn er ook aan voor de moeite. Gelukkig alleen “maar’ verkoudheidssymptomen, voor zover ik hoorde.
Een nichtje van mij en haar gezin mochten er ook aan geloven. Het komt wel heel dichtbij al zal ik niet panikeren zolang mijn ‘gewone’ symptomen niet veranderen.

Ik denk dat ze nu jubelt.

Vorige dinsdag startte er een project van Samana. Het is een creatief project dat valt onder de noemer (of is het teller?) Creativitijd. We zijn met vijftien mensen die meedoen aan het schrijven van blogberichten en dat over een tijdsspanne van een jaar. Aangezien de blog zelf nog in de testfase zit, kan ik nog geen link doorgeven naar de schrijfcreaties. Wel kijk ik enorm uit naar de online samenkomsten, de opdrachten, de resultaten, in deze zijweg naar Ithaka.

Afgelopen week kreeg ik een mooi pakketje van Fedasil in mijn brievenbus. Ook al ben ik een tijdje niet meer actief als vrijwilliger daar. Dat was wel een fijne verrassing!
Ik hoop niet (meer) om daar nog superactief te zijn. Toch heb ik er wel nog voeling mee. Wie weet in tijden van langer licht; een ontmoeting, een taalbuddy… Hier laat ik het lijf eerst spreken.

Vrijdagochtend was er een online praatcafé van lotgenoten van Melanoompunt. We waren met vijf. Ik vond het een heel tof idee en ik hoop dat we dat vaker kunnen doen. Niet iedereen moet elke keer meedoen, als er elke keer enkelen zijn die eens willen bijpraten, zou dat heel fijn zijn. Onze moderator heeft dat prima gedaan. Een mens hoort zo al eens verhalen die hij anders niet eens zou vermoeden. En toch blijft iedereen optimistisch en positief zonder de schaduwkant te ontkennen.

Lezen wordt stilaan terug een dagelijks terugkerende activiteit en daar ben ik blij mee. Ik zeg bij elk boek dat ik start: “Er zijn nog tig wachten voor jou, maar jij mag eerst.” Leve de bibliotheek want anders zou mijn portemonnee een stille plotse dood sterven.

Nogal uiteenlopend dus boeiend…

Schrijven is nog steeds blijven. Ook met pennenvrienden. Heel verrassend was een e-mail van een Schotse pennenvriend. Maandenlang geen antwoord krijgen, tussen ongerust zijn en de gedachte dat er geen interesse meer was.   Ik ben dus heel blij met zijn brief.
Verder heb ik nog twee pennenvriendinnen in Schotland en eentje in Finland. Dat is voorlopig voldoende. Ik schrijf ook nog met een medestudente van vroeger, toen we nog op kot zaten en nog enkele Dalarasfans… kribbel krabbel knuisje, klavier of pen in het vuistje 😉

Dat ik geen echte babbelaar ben, hadden anderen eens ervaren in Athene. Ik was daar voor een concert en een ontmoeting met andere fans van Georges Dalaras. Op het forum was ik nogal actief, maar eens in de groep rond de tafel was ik véél stiller. Dat vonden de anderen wel raar. Ik niet, alleen wat vervelend op dat moment. Ik had op het forum al wel geschreven dat ik een stille ben 😉.

Er is nog dat verhaal van de feta Tzouganaki…. Zal ik me daar eens over buigen voor een volgende keer?

Misschien vindt u dit meesterlijk-en-machtig ? (gewoon klikken op de link 😉)

Bedankt voor het lezen. Fijne week gewenst en als het waar is wat ze zeggen mogen we nog een hele week ‘Gelukkig Nieuwjaar’ wensen.

Ondersteboven

Een hoofd te vol
op dit lijf te raar, om te geloven
af- en ingedraaide delen
scheef en schots verschoven
vandaag ben ik ondersteboven

Ik zie ik zie wat jij niet ziet
vanonder gaat naar boven
de wereld op z’n kop gedraaid
wat zal die nog geloven
vandaag ben ik ondersteboven

Ik zie, ik ruik, ik hoor, ik proef
ik voel me soms verdoven
als ik weer naar buiten keer
die mens, dat dier, die bloem en zin om dat te loven
vandaag ben ik ondersteboven

AMK
23 november 2021

de verhoudingen zijn expres zo, sowieso zonder tekentalent of ervaring

Allerzielen

Vandaag, deze dag
de zielen, de mensen
nooit vergeten
die jaren
hoe ze nog heten
wie ze waren
Vandaag deze dag missen we net iets meer


Wie denkt aan diegenen
die niemand nog kende
onderweg naar licht zoekend
gestorven en nu onder vreemde koude stenen
of zelfs daar
waar niemand heen zal benen
Vandaag deze dag, doe ik het tóch wel even.

En dan is er Zij

Dit is Haar graf
Ik spreek met haar
Zij, die overal nog is, elke dag
Al voel ik dat ze nu haar rust gevonden heeft
Haar optimisme, het flegma waarmee ze iets moeilijks kon afsluiten.
En weer verder gaan. Daar denk ik nog aan.
Aan wie ze niet was noch kon of mocht zijn
Wat maakt het uit
Als alleen de liefde er altijd was?
Vandaag deze dag nog is!

(foto van Haar graf: vooraf met zorg opgemaakt door mijn broer en schoonzus, de foto zelf heb ik een beetje bewerkt, de originele is in goede handen)

Iemand anders’ woord – tiende woord

Ik zei het al, ik heb nog plannen met mijn blog. Een rubriek ‘Iemand anders’ woord’. Dit is het tiende. Met dank voor de toezegging van het delen. Nog iets praktisch: de onderstreepte woorden aanklikken helpt om naar de site of blog in kwestie te gaan.

Uit: https://rubydewitte.com/

Het komt er nog eens van, deze rubriek die ik vol enthousiasme startte. Soms is afstand nemen nodig om weer te zien bij het kijken. Aangezien de gas blijkbaar nogal duur aan het worden is, neem ik zelf ook gas terug en laat gebeuren wat goed voelt. Zoals delen van deze blog, die ik nogal nauwgezet volg, omwille van de spontaniteit die eruit straalt. Open en oprecht vertelt Ruby over haar belevenissen in de bergen, haar job, haar angsten en ambities. Overigens leest elke blogpost als een trein. Hier zie ik, puur op buikgevoel, veel schrijverspotentie.

Ik koos dit*bericht. Het gaat over een thema dat mezelf aanspreekt. Al ben ik momenteel zelf even wat minder aan het vrijwilligen, ik stel het me voor als een film die ik afspeel, wanneer ze over haar belevenissen in het opvangcentrum vertelt. Het gevoel van machteloosheid in alle goede bedoelingen komt er voor mij zo hard bovenuit. Ik ontplofte zelf bijna. En toch, zoals blijkt uit latere blogberichten, doet ze verder en blijft erover schrijven. Er zijn helaas te veel zulke verhalen, die overal verteld kunnen worden maar te vaak verzwegen. Alleen al dát, het vertellen, het aankaarten van deze benarde, bijna uitzichtloze omstandigheden en toch nog mensen vinden die zich het lot van een vluchteling aantrekken, zonder oordeel, vraagt om meer delen van zulke verhalen. Lees vooral verder in deze blog!

Mocht omwille van welke reden ook dit bericht ongepast zijn, meld het mij aub. Hierbij richt ik mij dan vooral tot de blogster/blogger.

foto: wat een kind in de huiswerkklas bij Fedasil voor mij maakte (een tijdje geleden).

Wandelen in de wolken van het park.

Omdat het ‘stilstaan’ deugd doet, rommel ik even verder tussen overprikkeling en – echt waar – heerlijke verveling.

Nog zo eentje die ik graag schreef en de finale van een wedstrijd niet haalde. Het is dus weer deelbaar. Heeft delen niet zo het effect van vermenigvuldigen? In alle onbescheidenheid hoop ik het 😉

Geniet!

Wandelen in de wolken van het park.

Het malse gras, de blauwe lucht, de vogels, voorbij schuivende wolkjes. Ik dwaal af, verder dan ik kijken kan.

Een verlaten strand in het zuiden van mijn eiland. Geen toerist die er ooit komt.

Die familie ontvangt weer gasten; vanaf ’s middags passanten, voor schaduw en koelte tot ’s avonds wanneer het drukker wordt. Hoe zou het met mijn vrienden gaan?

Andere wolken brengen andere beelden van mijn andere thuis.

Warempel! Didier! ‘Bonjour, kalimera!’ Nog steeds in het Frans en het Grieks. Hij is bezig met keramiek. Dan stoor ik hem niet. Kijken mag.

Langs scherpe bochten rijd ik naar Manoli en Rina voor een babbel bij een raki en lekkere hapjes.

Nog een strand. Michali met de luit is er weer! Ik zal bij dageraad wel honger hebben, na zo een muzikale nacht.

Het malse gras, de blauwe lucht, de wolkjes, wolken, donkergrijze massa! Mijn eiland regent weg.

Dit staat ook op Azertyfactor, voor degenen die me daar volgen. Het is een bewerking van iets dat ik schreef in een workshop (Vijf + drie ingrediënten).

Ps. De foto is uit een zomervakantie 2012 op ‘mijn’ eiland. Nog zo’n mijmering.

Bedankt voor het lezen en geniet, al is het maar één moment vandaag!

Schrijvers sterven ook

Schrijvers sterven ook,
al blijvend want toen nog schrijvend.
Ze gaan heen en wij erven.

De zoveelste aankondiging van een schrijver die gestorven is. Dat las ik in De Standaard. A.L. Snijders is overleden. De meester van het Zeer Kort Verhaal (ZKV).

Gisteren las ik dat Lucinda Riley overleden is, nog voor het journaal van 19u het meldde. Bijna anderhalve maand geleden stierf mijn favoriete Vlaamse auteur, Pieter Aspe. Ik heb bijna alles van hem gelezen. Vanaf het eerste boek trok het me aan. Het waarom wil ik zelfs niet weten. Ik volgde de aantrekkingskracht. Ik blijf met enkele mooie herinneringen, niet alleen aan de boeken zelf, ook met herinneringen aan enkele ontmoetingen.

Ik ken hen, die schrijvers en toch weer niet. Ik heb over hen gehoord, gelezen, zelfs van hun werk (al dan niet veel) gelezen, maar ik ken hen niet. Toch blíjven ze, ook na hun dood. Al lees ik minder dan ik wil, waarschijnlijk wegens trage lezer zijn en snel overprikkeld, probeer ik toch op te vangen wat me kriebelt. Het is vanzelfsprekend niet uit desinteresse.

Al is het maar een woord, een zin, een gedicht, een heel verhaal, al is het maar één maal: een schrijfsel de wereld insturen. Dat is blijven, dat is vertellen wat je vertellen wil. Dat is een wereld aanzetten tot stilstaan, die enkelen of velen die een nieuwe weg in het brein vinden door dat wat geschreven werd.

Toevallig (of niet) startte ik mijn schrijfmeditatie* deze ochtend met het woord ‘schrijven’. Wat schrijven doet, wat schrijven teweeg brengt, waartoe schrijven voor mij dient, hoe ik het aanvoel.

Dit is wat ik schreef:

Schrijven, pen, papier, scherm, klavier. Het is even in een verhaal kruipen dat niet van mij is en er toch altijd gezeten heeft. zomaar in mij. het is de weerstand doorbreken van wat het verhaal moet of net niet mag zijn. Het is alles overboord gooien wat me tegenhoudt in dat ene verhaal te reizen. Het ís reizen. Het is vertellen van wat niet is, van wat wél is. Wat spannend is. Het is lachen. Het zijn tranen en eenzaamheid. Het is verbinden met iemand, met niemand. De mensen in het verhaal en de mensen die het lezen, met elkaar en daardoor met mij.

Wij, u, jullie, ik, zij en hij die elkaar nooit tegenkwamen of zullen tegenkomen, of misschien juist wel. Het is door alle verlangen naar wat toch niet is, heen ploeteren en achterlaten; afkeer overboord gooien.

Tenslotte wordt het verhaal los gelaten, vrij, en mede de belasting die zwaar weegt en dan is de weg (weer) vrij. Woord na woord, verhaal na verhaal, verbinding na verbinding, reis na reis, verplichting na verplichting.

Schrijven is ultieme vrijheid en misschien is zelfs dat op een keer weg en biedt het leegte, enkel een erfenis nalatend.

Schrijvers sterven. Schrijvers blijven.

 *ik heb het al enkele keren over #schrijfmeditatie gehad. Voor de geïnteresseerden, volg de hashtag onderaan dit bericht.

ps. in het laatste blog bericht van Christine*Van*den*Hove staat een mooie in memoriam, geschreven voor A.L. Snijders.

Bedankt om me weer te lezen 🙂

Weetjes van de week.

Ik probeer een andere rubriek uit, een weekoverzicht met hoogte-, diepte- en andere punten van de week. Waarschijnlijk zijn het nog steeds de lichtere dagen die me kietelen.

Omdat de weken nogal hard op elkaar beginnen lijken, laat ik even het dagboekgehalte varen en zet enkele indrukken neer van de afgelopen week.

Onevenwichtig

Nog steeds wat meer na die laatste immuuntherapie annex vaccinatie. De uitdaging is er rust in vinden en op de juiste tijdstippen energie loslaten op activiteiten. Het betert naarmate de week vordert.

Alleen die benen weer in evenwicht brengen…

Wie is Laurel en wie Hardy? 😉

Groot, klein verdriet en andere opstandjes in mijn ziel

Net op donderdag, zo’n dag dat donderen ook in mijn hoofd gebeurt, lees ik opnieuw een droevig bericht van een lotgenoot. Iemand die ik ook kende. Al zegt het hoofd dat het duidelijk was dat het zou gebeuren, wanneer het dan echt gebeurt, is het onwezenlijk. Ik voel me machteloos en weeral geconfonteerd.

Mijn broer laat weten dat hij en zijn dochter besmet zijn. De anderen in huis zijn nog negatief. Maar ze worden ook ziek en worden opnieuw getest. Ik weet nog niets.

Lezend in de blogs van anderen, en hun nieuws op Facebook, raak ik meestal niet verder dan op ‘vind-ik-leuk’ klikken.

De overgave en overstap naar…

Het één en ander staat in de wacht. De plannen blijven rustig kabbelen tot er zich weer een ‘Aha’ aandient om te vertoeven bij die anderen van een rubriek alhier in mijn Reis-naar-Ithaka-pagina.

… vreugdes en vrolijkheden

Ik sta in de tweede editie van Melanoompuntjes, het blad van de patiëntenvereniging waarover ik al vaak sprak. U kan deze*tweede*editie helemaal lezen.

Ik word ook uitgenodigd voor de nieuwe vergadering van de redactie van Melanoompuntjes. Ik kijk ernaar uit!

Toch even glunderen met mijn bijdrage en de steunmogelijkheden laten zien (linksboven)

Het schrijven gaat verder. De woorden stromen, soms met omwegjes doorheen versperrende rotsjes in de rivier, maar water vindt altijd een weg. De lessen inspireren me. U bent vooral zeer welkom in mijn Woordenhoek op Azertyfactor, waarin ik dit*huiswerk en ook dit*andere*huiswerk gepost heb. Mijn profiel aldaar is Anemos. Soms een storm, soms een briesje.

Moeten er nog shampoo en haarkleuring zijn? Tot vorige week nog wel, op de valreep vóór de verstrengingen, een ietwat zonniger kleurtje in mijn haardos losgepeuterd. De krullen maken even plaats voor een kapsel waarmee ik op Zoom kan verschijnen.

Bezoeken aan mijn vader worden weer iets waar ik meer en meer naar uitkijk. Gelukkig zijn er geen verstrengde maatregelen voor bezoekers in het woonzorgcentrum. Hij doet het nog steeds goed, met muizenstapjes zelfs steeds een beetje beter.

Ik heb tourlou gekocht bij Morfo en nog andere lekkernijen. Na wat zoekwerk vanwaar ik dat woord nu toch maar kende, kwam de verlichting. Het komt uit dat Griekse lied, ‘Laten we ergens anders heengaan’, waarover ik al eens schreef. ‘In de tourlou van deze wereld werden wij het zout.’ (vertaald uit ‘Πάμε γι’αλλού’)

Moet er over het zomeruur nog gedebatteerd worden? Hebben we nog niet genoeg kansen gehad om van deze immense pandemische crisis iets te leren, zoals een natuurlijk ritme volgen in plaats van controle in stand houden en forcerend zoiets ‘plastiek’ als verwrongen tijd op te leggen? Ik pleit alvast voor het echte zonne-uur, hoewel dat utopisch is.

Kortom, ik vind rust in de onrust, energie in de beweging en eet nog steeds gezond 🙂

Ik dank u voor het lezen, het gaat u allen goed…

Iemand anders’ woord – zesde woord

Ik zei het al, ik heb nog plannen met mijn blog. Een rubriek ‘Iemand anders’ woord’. Dit is de zesde. Met dank voor de toezegging van het delen. Nog iets praktisch: de onderstreepte woorden aanklikken helpt om naar de site of blog in kwestie te gaan.

Uit: canxatard en christinevandehove.

De blog van deze dame heb ik niet gezocht, maar wel gevonden, via een andere blog en viel mij op. Het was – als ik me goed herinner – aan het begin van de eerste lockdown, vorig jaar maart. Ze woont in Frankrijk en schreef van daaruit een reeks ‘Intussen in Frankrijk’. Dat alleen al trok mijn aandacht en ik ging kijken naar ‘Over mij’. Iemand die gewoon verhuisde naar ogenschijnlijk zomaar ergens, een onooglijk dorp en een verliefdheid op een huisje. Wat heeft een mens meer nodig? Ik durf nu niet bij mezelf gaan morrelen, al is er wel die niet aflatende onderhuidse kriebel.

Zie hier één*van*de*eerste*blogs*die*ik*van*haar*las. Ik vond dat een heel inspirerend blogbericht. Vooral dan minder nodig te hebben. Het kan echt en blij blijven op de koop toe! Ik woon nu wel heel dichtbij allerlei winkels waar ik gewoon even heenloop en koop wat ik nodig heb. Nodig heb. Dát bedoel ik. Al lukt het me niet altijd om het dáár bij te laten.

Wat heb ik nog ontdekt? Ze is ook een echte auteur. Ze heeft al een boek geschreven én dat is uitgegeven. Ze schrijft ook andere genres, zoals columns, poëzie, kortverhaal… en doet nog allerlei creatieve dingen met schrijven. Ik koos dit*kort*verhaal dat verdacht veel lijkt op echt gebeurd maar die laatste zin kan vanalles betekenen. Dat weet ik uit eigen ervaring, dat opgebeld worden…

Overigens vindt u haar ook terug op Azertyfactor.be, waar ze al een keer getipt werd voor een flitsverhaal ‘Als meisjes lachen’.

Grasduint u even in beide blogs. Ik word er alvast rustig wakker van. Of is het wakker rustig?

Ik zocht niet, ik zag en toen vond ik weer wat fijns.

Mocht omwille van welke reden ook dit bericht ongepast zijn, meld het mij aub. Hierbij richt ik mij dan vooral tot de blogster/blogger.