Ik wil niet één reis naar Ithaka; ik wil er meer zolang het me gegund is Elke weg is zo boeiend ... (gedachtegang bij het her- en her- en herlezen van Ithaka - K.P. Kavafis)
Ze staarden door het raam, de ene met ontzetting en walging, de andere staalhard, naar het drama dat zich in de straat afspeelde.
Mensen die hun hoofd vastgrepen, anderen die braakten en nog anderen die al neervielen, statisch als geëlektrocuteerd, met korte krachtige naschokken.
Er brak paniek uit bij andere voetgangers, elkaar overrompelend om snel thuis te zijn.
Auto’s vonkten. Chauffeurs kwamen eruit gekropen alsof het kort bij de grond veiliger was. Fietsers, tijdig van hun rijwiel gesprongen, gingen eveneens platliggen. Anderen kregen een schok en vielen tezamen met hun fiets als een strijkplank neer.
‘Oh My God!’ schreeuwde de CEO. ‘Wat hebben we in ’s hemelsnaam gedaan?’
‘Er is geen weg terug nu! Hier zit te veel geld in.’
‘Maar al die lijdende mensen, al die doden. Is dit de tol die we ervoor moeten betalen? Er was al zoveel commentaar op de vorige versie en dié werd afgevoerd.’
‘Ja, en met reden. Ik vertrouw op míjn medewerkers, wetenschappers die zich ook om de economie bekommeren. Jij bent er één van!’
‘Maar u krijgt dít toch aan niemand verkocht?’ Zijn stem kraakte.
‘Niet moeilijk doen! Weet je hoeveel geld mijn land geïnvesteerd heeft? Trouwens, wat moeten we met al die zwakken? Tijdens de coronacrisis zijn er ook zoveel mensen gestorven. Het is een natuurlijke selectie. Dat was toen en dat is in deze testfase ook. Vertrouw me!’
Zelfvoldane smoel! Stieg vertrouwde het helemaal niet meer. Alsof president Steel gewetenspoeld was. Straks zou hij nog bij die zwakkeren gecatalogeerd worden. Dan ging hij samen mét zijn gezin eraan. Hoeveel Joden werden door deze denkwijze wel vermoord?
‘Wie heeft trouwens de economie gered na de vorige crisis?’
‘Ja natuurlijk, dat was fenomenaal, na alle ellende.’ Maar tegen welke prijs? Zijn geweten en zijn overlevingsdrang waren in zwaar conflict.
De nieuwe wereldleider keek de trillende, in zweet badende, man naast zich neerbuigend aan. Had ik nu al maar absolute macht. Stiegs idee had nog één aanpassing nodig. Daarna werd hijzelf overtollig.
Dan kon de formule gebruikt worden naar zijn grote ambitie. Natuurlijke selectie van deze eeuw! Veel efficiënter dan de Dettol van Trump.
‘Er is nu geen weg terug! Denk aan de toekomst, aan je kinderen!’
‘Ja!’ zijn stem nu geforceerd onder controle, onder dit dreigement. ‘Ja, natuurlijk. U heeft volkomen gelijk.’ Ik ben een verdomde lafaard! Had ik die 6G maar nooit uitgevonden.
Omdat alles over De Bitch al gezegd is, omdat alle drukte eromheen, van commentaren op beslissingen, tot in opstand komen, tot de goede sociale daden, tot uitdagingen op allerlei sociale media, van wat afstand is van wie wel en van wie niet, omdat … voorál omdat ik er afstand van wil nemen, doe ik in-mijn-kot dingen. Zoveel mogelijk toch. De opruim, koken, afwassen, de was, de strijk, alle saaie dingen waarbij je (Griekse) muziek kan draaien en luidkeels er je buren mee kan ergeren (maar ze mogen écht melden wanneer het te luid is of te lang duurt). En af en toe ga ik wandelen en fietsen.
Af en toe probeer ik te tekenen. Doorheen de opdrachten van het creatief dagboek ontdekte dat ik het best wel fijn vind om iets meer te proberen tekenen dan bijvoorbeeld een stokmannetje. Ineens maar een portret of zo.
Ik heb voor het gemak een ultrakorte lesbundel van internet geplukt en ben losse aangezichtsdelen beginnen oefenen. Niemand hoeft het al te zien.
Oefenen maar tot ik de onderdelen in een gezicht zette. Zo kwam ik aan enkele portretten van mensen die ik totaal niet ken. Zou ik heel voorzichtig toch maar een portret proberen van iemand die ik wel ken? Laat ik met mezelf beginnen. Oeps, dat ben ik niet. Nog eens proberen. Wie is dat? Niet één trekje van mij. Nog een keer dan maar? Maar allez, ik zie er niet uit. Dat ben ik niet. Niets klopt en dat wat klopt past niet in het geheel. Tot ik op het idee kwam van te foetelen*. Elk leerproces is een zoektocht..
Voor de contouren van het hoofd en de plaats van de ogen, mond en neus heb ik een foto zwart/wit uitgeprint, die tegen het licht van de lamp gehouden en op het blad dat ik daarvoor hield met een potlood lichtjes nagetrokken. De rest is veel gommen geweest, een streepje hier, een veegje daar.
En zo kwam ik aan dit portret.
Dit dromerige kind heb ik vroeger gekend.
Ik probeerde het nog met andere foto’s van andere mensen. Nog niet voor publicatie.
Een vorige keer vertelde ik dat de schrijfcursus verlengd werd met drie lessen. De tijd blijft even snel voorbij gaan. Gisteren was de voorlaatste les. De lessen online zijn met meer als die op locatie. Op zich is deze cursus wel geschikt om online te doen. We zitten enkele keren afgesloten omdat we aan een oefening werken en zetten dan even de camera en het geluid af. Dat is best rustig. De creaties van de medecursisten horen vind ik altijd fijn. Zoveel mensen, zoveel verhalen. Ook de reacties op mijn verhalen vind ik boeiend. Vooral deze terwijl ik nog lees. Dat zijn de puurste. Daar haal ik veel uit.
Zal ik u nog eens op een verhaal trakteren? Het is een verhaal uit de vijfde les, waar we een dystopisch verhaal als opdracht kregen. Mijn onderwerp kwam toevallig voorbij op Facebook in een liedje. Dat vond ik wel frappant. Ik zet het in een volgend bericht.
*is foetelen geen woord meer? Ik ben met dat woord opgegroeid. In een groot gezin bij gezinsspelletjes wordt er toch al eens gefoeteld? Niet dan? Het is een Limburgisme, een Limburgse uitdrukking die (volgens Neerlandistiek zonder blikken of blozen) wordt vertaald naar het Nederlands. Voor mij was het dus lang een echt Nederlands woord.
Welk woord zou u wel eens willen terugzien of horen?
Negen weken binnen zijn. Op een uurtje per dag of zo na. Soms iets meer en soms helemaal niet. Het doet wat met een mens. Tussen zwart en wit ligt voor mij een hele regenboog van kleuren en hun combinaties. Daarin vertoeven is best fijn, de witte kant haal ik niet, de zwarte kant accepteer ik er gewoon bij. Het is er toch.
Veel nieuws heb ik niet. Dan maar de dingen die het nieuws niet halen.
Mei is plasticvrij. Dat was toch de oproep. Knap lastig in coronaire tijden, zeker als je het aantal winkels per winkelbeurt wil beperken. Het supermarktje dichtbij doet het voor mij dan het beste. Toch merkte ik dat ik terug meer plastic afval had. Misschien een moment om eens van gewoonte te veranderen? Sinds ongeveer een jaar had ik twee, hoogstens drie keer een blauwe PMD afvalzak. Tot 13 maart. Ook al vind ik het best handig, zo dichtbij, bijna alles in plastic verpakt blijft toch aan me kleven. Overigens zijn er daar minder bio- en eco-producten.
Ik nam het dappere besluit om eens naar de grotere versie te rijden. Daar is er meer onverpakt (zelf zakjes meenemen) of in karton. Twee keer heb ik het geprobeerd. Telkens zag ik er wachtrijen van ongeveer 10 à 14 personen. Dat zag ik me niet elke keer doen. Die twee keer ben ik dan zonder aankopen terug naar huis gereden en heb maar weer in de buurt boodschappen gedaan.
De online dienst van die supermarkt onderwierp ik aan een heus onderzoek. Ik vond de site een beetje lastig om te hanteren. Het duurde echt heel lang vooraleer de pagina een beetje werkte. Bij elk product dat ik wilde toevoegen aan de boodschappenlijst vernieuwde de pagina zich. Op een bepaald moment had ik voor 220 euro in de lijst staan van allemaal producten die ik niet aangeklikt had. Gelukkig kon ik ze weer wegdoen. Toen begon ik met een verlanglijstje en daar heb ik een boodschappenlijst uit gehaald. Dat was gisteren. Vandaag kon ik het gaan ophalen. Dat ging gelukkig wel vlot en veilig met een extraatje. Zes flesjes Chaudfontaine water met lemon … in plastic verpakking! De boodschappen zelf zaten in een papieren zak. Mooi!
In het verleden had ik wel eens verse groenten, fruit, eieren etc besteld bij de Buurderij. De producten komen dan rechtstreeks van de producent / boer. Lekker makkelijk en daarom heb ik nog een keer geprobeerd. De Buurderij waar ik tot vorig jaar nog ging, is opgedoekt, maar op fietsafstand is er nog een. Vandaag kon ik mijn bestelling ophalen. Mijn fiets was bomvol geladen. Gelukkig had ik als kerstcadeau een fietszak gekregen. Alles is inderdaad lekker vers. De groenten en fruit waren een verrassing. Ik bestelde ‘gewoon’ een mandje fruit&groenten. Wat ik krijgen zou, wist ik vooraf niet. Het zijn wortels, ijsbergsalade, een komkommer, nectarines, appels, een granaatappel, rode biet, kiwi’s en asperges geworden. Dan had ik ook lekkere honing en confituur en een kruidenplantje. Ik weet wel wat te doen dit weekend. De sla en wortels (enkele rauwe) zijn alvast lekker.
Intussen heb ik ook stoffen mondmaskers met dank aan mijn schoonzus die ervoor zorgde, haar zus die ze maakte en mijn broer die ze mij bracht.
Vorige week ben ik ook eens een andere winkel binnengelopen, in Helios hier dichtbij. Heerlijke winkel met veel keuze in thee en koffie, die ze zelf vers malen als je dat wenst, snoepgoed, theepotjes, koffiemolens, … Ik kocht er twee soorten losse thee (kamillethee, groene thee met mango/appelsien) en een pakje versgemalen koffie. Lekker dat het is! Leve mijn koffieverslaving! Thee vind ik intussen ook steeds lekkerder.
Mijn fiets voelde zich afgelopen weken nogal plattekes, dat zag ik aan het achterwiel. Dat had ik graag anders. Wandelen vind ik fijn, maar met fietsen afwisselen nodigt meer uit. Een hersteller zoeken was dus de boodschap. Elke winkel die ik contacteerde, vroeg om op afspraak te komen, liefst te maken via de website. De ene winkel heeft graag dat het om een fiets gaat die daar ook gekocht is (lange wachtrij dus), de andere antwoordde niet. Dan ben ik gewoon lokaal gegaan. Even bellen voor een afspraak en ik kon hem gaan binnenbrengen. Twee dagen later was hij klaar. Een beetje op z’n zuiders – ik moest twee keer terug gaan – maar allez, daar ga ik echt niet om zeuren. Ik kan weer fietsen. Ik houd van zuiders, het trage ritme verpakt in druk bezig zijn. Gezien het aantal gerepareerde fietsen in de winkel kon dat druk zijn wel eens kloppen.
Morgen wil ik de weekendkrant kopen. Eens benieuwd waarover dat zal gaan … zolang er cryptogrammen zijn en andere talige uitdagingen, zelfs cijferige, hoort u mij niet klagen, lokaal noch (inter)nationaal. 😉
Zwart mag, moet niet, zolang het maar een plaats krijgt, meer heeft het niet nodig!
Ik blijf zoveel mogelijk in mijn kot. Nog steeds. De gesprekken die ik al gehoord heb en zelfs aan heb deelgenomen, gaan over bubbels. Hoe moeilijk is het om tot vier te tellen? Inderdaad, niet moeilijk. Eén twee drie vier. Voilà! Kies nu je bubbel. Ik zit in mijn enkelbubbel, ook al kan ik nog anderen ontmoeten. Maar dan mogen zij niemand anders meer ontmoeten. Als we met vier samenkomen, waaronder eventueel een koppel (vijf effectieve personen) is dát de extra sociale bubbel voor ons vijf de komende weken. Het lijkt op deelverzamelingen uit de wiskundeles waarin ik een singleton ben.
Bijvoorbeeld die vier bubbels met gezamenlijk vijf elementen, met z’n allen in de doorsnede, houd daar maar eens afstand! Een ander voorbeeld kon zijn, een bubbel van vier en deze enkelbubbel. Het lijkt me niet zo tof om de vijfde blub in de bubbel te zijn. Een auto heeft ook genoeg aan vier wielen. Ik was nu net zo knus gesetteld in mijn bubbel en houd het voorlopig zo.
Kan 10 mei uitgeroepen worden tot nationale dag van de Bubbel? Een extra reden om de fles met bubbels open te doen.
Wiskunde, nooit mijn sterkste vak. Maar ik kreeg het wel twee jaar lang van mijn moeder. Op Moederdag komen er dan al wel eens wat meer herinneringen boven, ook aan de wiskundelessen van haar, die ik dan meteen in de bubbel toepas. Zou ze nog punten geven?
Aan alle moeders een dikke proficiat, voel je knus, voel je veilig, voel je geliefd, voel de liefde van je kinderen. Moeders bevestigen als de besten, kinderen in wie ze zijn, ook al wil de wereld rondom hen graag bevestigen in wie ze niet zijn maar wel zouden moeten. Voor later als ze groot zijn.
Neen, dan de moeders! En dat ze in hun intuïtie, instinct zou ik zeggen, erkend worden vooral en misschien zelfs enkel door hun kinderen /de kinderen waarvoor ze zorg(d)en.
Ik heb eens opgezocht van waar het nu eigenlijk kwam. Het commercialiseren is sowieso gebeurd, op welke dag het ook gevierd wordt. In hoeverre het juist is weet ik niet, maar op Wikipedia vond ik dit: https://nl.wikipedia.org/wiki/Moederdag. Blijkbaar wordt het in andere landen en op andere plaatsen op nog meer verschillende dagen gevierd. Ik lig er niet van wakker, volgens mij is het elke dag Moederdag. Misschien kunnen we de Moederdagen van alle landen volgen?
En wat met kinderen, volwassenen die hun moeder helemaal niet meer willen kennen? Erg, zelfs om te denken, maar toch bestaat het. Dat lijkt me erger dan geen bloemen meer te kunnen kopen voor mijn moeder. Ik weet tenminste dat ik de beste moeder aller tijden had. Zo wens ik dat iedereen zich kan voelen over zijn/haar moeder.
Eén van de laatste foto’s van ons samen.
Ik werd de aanblik van mijn kop nogal beu en wilde er weer een beetje netjes uitziend hoofd van maken. Ik werd voor een keer doe-het-zelver. De schaar in het haar en de kleur op het grijswit. Mijn hoofd leek op een landingsbaan. Vliegen mag toch nog niet, voor niets nodig dus. Het ziet er nu toch iets beter uit hoewel mijn kapster enorm gemist wordt.
Wat ga ik mijn kapster graag terug zien 🙂
Oh, de cursus schrijven krijgt nog drie vervolglessen. Hoera, juij, joepie! Ik heb me alvast ingeschreven. Intussen wacht ik op mijn online bestelde boek, over schrijven, het komt maar niet aan. Zou ik me toch in het winkelgedruis wagen, einde van de week of zo?
Intussen houd ik wel van dat weer vandaag. Wind, regen, het wordt frisser. Liever houd ik ervan dan dat ik het verfoei, het is toch wat het is. En alles wordt weer een stukje groener.
De singels waren gisteren de helden van de dag. Ik ook? Op mijn sokken! Dat wel. Dikke enkelsokken nog wel, lekker warm. Ik voel het heldendom in deze situatie niet. Zeker niet als single. De vraag rees bij mij al vaker of dit verder gaat dan enkel dankbaarheid en bewondering – tot zover ben ik mee – bijvoorbeeld een kader creëren om deze hele situatie te kunnen vatten. Doe wat goed voelt!
Ik zou me bijna schuldig voelen omdat ik toch via de app naar de radio een berichtje stuurde. Ze hebben er maar één zin uit genomen. Het was nog zo interessant wat erna kwam. De vraag was Wat doet een single in deze lockdown, wanneer fysieke, echte live contacten niet kunnen? Nadenkend en prutsend met dat veel te kleine toetsenbord van mijn smartphone bedacht ik dat er toch nog wat gebeurt in mijn leven, weliswaar niet zo heldhaftig. Ik heb mijn sokken gelukkig nog.
Afgelopen woensdag had ik de laatste les schrijven ‘Vijf ingrediënten voor een straf verhaal’. Deze keer ging het over dosering. En daar kan ik nog wat in leren. In alle ingrediënten van het schrijven. De eerste oefening van de avond was er eentje die nogal ver van mijn bed was. Zo had ik zelf nog niet over een verhaal nagedacht. Het dystopisch verhaal. Google het maar eens. Desalniettemin vond ik het wel een uitdaging en heb ik een scène in elkaar gebokst. De tweede oefening was grappiger. Ik hoop alleen maar dat ik zelf nooit in zo’n verhaal voorkom, ook niet in deze coronaire (of is het coroniale?) tijden. Dat ging over ‘de saaiste persoon ooit’.
Misschien wordt er dit voorjaar nog een vervolg aan geschreven, vijf andere ingrediënten. Ik heb alvast in mijn evaluatieformulier extra benadrukt dat ik dat zie zitten. Er is gewoon zoveel te leren over fictie schrijven. Ik had niet gedacht dat die verhalen en scènes allemaal uit mijn brein zouden komen. En dat is ook te danken aan de wel zeer bekwame docente, met steeds de goede dosis uitdaging en begeleiding, goede feedback en tips om het verhaal echt af te maken. Het lijkt een ontdekkingstocht, waarbij het zelfvertrouwen in schrijven groeit. Wat ik er ook mee ga doen.
Donderdag had ik een online ontmoeting met de lotgenoten van Melanoompunt. Enkele mensen van het bestuur hebben een webinar ontmoeting georganiseerd. Hierbij konden we vooraf allerlei vragen insturen over onze ziekte en corona. Die werden dan voorgelegd aan twee professoren oncologen. Tijdens de webinar konden we ook in de chatruimte vragen stellen. De professoren die ons te woord stonden waren prof. B. Neyns en prof. L. Brochez. Het is tijdens zo’n webinar ook heel belangrijk om uw virussoftware aan te zetten. Prof. B. Neyns legt uit waarom…
Als het u interesseert, als u iemand kent die hier wat aan heeft, kan u het hier zien. Ik vond het heel interessant. Dit ontmoetingsmoment was heel welkom zeker wanneer er al enkele van onze geplande ontmoetingsdagen in het water vallen.
Enkele weken geleden, kreeg ik van een paar vriendinnen toffe kaartjes, ik wilde iets terug sturen, maar eerst niet zomaar wat. Aangezien het om de 5 M’s gaat, vond ik het wel tof daar iets rond te doen. De tekst achterop is TOP secret 😉.
Alsof het van Kreta kwam
Herinneringen in een postkaart
Vijf M’s
Enveloppe spéciale
Deze week kreeg ik ook weer een Whatsapp berichtje van mijn taalbuddy. Hij heeft het blijkbaar druk op zijn werk en een verhuis, waardoor het al een tijdje geleden was dat ik er nog iets hoorde. Hij is een anderstalige nieuwkomer in België en heeft al enkele modules in Nederlands voor anderstaligen gevolgd. In deze opgesloten tijden is het wel fijn om op deze manier de kennis die hij al vergaarde te blijven oefenen. Vorig jaar zomer deed ik ook al mee aan een gelijkaardig project. Dat waren fysieke ontmoetingen. Hier heb ik er iets over geschreven. Dit prachtige initiatief gaat uit van Atlas vzw.
Eten, dat gebeurt ook nog steeds. Zelf ben ik niet meer veel bezig met experimenteren. Af en toe een grotere hoeveelheid om daarna alles, min één portie, in te vriezen. Lekker makkelijk voor minder energieke dagen. Wel heb ik een catering ontdekt die meermaals per week voor afhaalgerechten zorgt. Trizee Privee! Het is de zaak van iemand die ik ken uit de online lessen schrijven. Ze maakt lekkere gevarieerde meeneemgerechten, en stelt elke week een ander menu voor. Dat werkt wel. Ik heb vorige dinsdag besteld voor afgelopen donderdag en het was heel lekker, gezond, vegetarisch en lokaal. Ik ga zeker nog eens langs. Voor degenen van Berchem of nabije omstreken, ziehier de link: https://www.trizeeprivee.be/ en smakelijk!
Het creatief dagboek doe ik ook nog steeds. Ik vind het heel ontspannend, het maakt plaats in mijn hoofd en bij online oefeningen heb ik nog eens een sympathieke stem in mijn living. Op basis van deze oefeningen, vooral de dagboeken in quarantaine kwam ik op het idee van kaartjes voor de 5M’s. Het wakkert ook mijn beeldende nieuwsgierigheid aan. Kan ik (ooit) een gezicht getekend krijgen, bijvoorbeeld?
De wekelijkse zoommeeting met mijn broers en zussen staat nog in de agenda. Deze situatie van lockdown begint wel door te wegen. De ene heeft al wat meer behoefte aan fysiek contact dan de andere. Zelfs ik begin het toch te missen. De eerste keer dat ik dat goed voelde, was toen R., mijn nichtje van vijf, haar verjaardag had en we niet konden mee feesten.
Maar zelfs al mis nu ik wat meer sociaal contact – in vorige tijden voelde ik me vaak overprikkeld – ik prijs me toch gelukkig genoeg om elke dag weer op tijd op te staan, de lichte tai chi oefeningen te doen, te schrijf-mediteren en dan de dag in te stappen, met ontbijt, chocolade en een goeie tas koffie. Daarna komt meestal wel een idee op de proppen om de ‘gewone’ klusjes uit te kunnen stellen.
Hoe vaak heb ik het zelf gezegd, wanneer ik wat wilde zeggen en niets vond.
Neen, dan de uiting van de frustratie. De tranen, de vloeken, teveel en te hard lachen, het lawaai, scheef zingen (echt, ik geloofde het eerst ook niet!), wandelen tot mijn gewrichten smeken om te stoppen, fietsen en onderweg platte band krijgen, de hele weg terug, te voet met fiets aan de hand naar huis. Dat zal me leren sè. Me zomaar laten gaan. Waarom? Om dat lawaai elke avond opnieuw? Om het opgeklopte gevoel dat ik bij al die social media berichten krijg? Over al die tips tegen verveling in uw kot? De vinger zal ik er wel niet op gelegd krijgen.
Soms heb ik enorme bewondering voor de serene wijze waarop mensen niet posten op allerhande social media hoe goed ze zijn. Enkele initiatieven daar gelaten natuurlijk. Het is uiteindelijk wat het is.
Al bij al, kritiek is vlug gespuid, ik doe er bij deze ook aan mee. Bij nader beschouwing vermoed ik dat het om de óverdaad gaat van wild enthousiasme, al dat begrip, lief en nog liever, of de overdaad aan ergernissen, daarbij ook aan onbegrip. Ik merk het aan mezelf. De ene kant van mij wil ‘er zijn voor u en u’, de andere kant van mij schreeuwt ‘laat me met rust!’ Is er dan niemand die het begrijpen wil? Begrijp ik mezelf nog wel? Herkent u dat gevoel? Dan weet u vast wel dat u me nù geen wijze raad geeft. Tot zover de actualiteit.
Tijdens de welke er toch nog het een en ander gebeurt.
Soms doe ik dingen die ik in dat vorige leven niet zou doen of zeker op de lange baan zou schuiven. Bijna alle meubels hebben hier een andere plaats gekregen of krijgen dat nog. Bewegen in je kot. Toch actueel. Gehoorzaam van mij.
Dansen in de regen. Nog zo iets. Dat heb ik net niet gedaan, wel voelde ik me heerlijk verfrist na mijn (bijna) dagelijkse wandeling. Een boodschap hier, iets posten daar, van de ene naar de andere kant van Oud-Berchem te voet en via een omweg doorheen straatjes weer naar huis. Dat deed deugd. Loat Mie moar lope langs de straote …. Zonder dat lief da’k zo gère zien.
Intussen groeien er verhalen in mijn hoofd. Ik schrijf ze in luchtballonnetjes die dan vaart zetten naar de luchtkastelen. Ik, arme drommel, bezwaarlijk meervoudig vastgoedeigenaar. Als mijn verhalen maar ergens terecht kunnen zolang er nog geen inkt vloeit.
Van sommige dingen die ik eerst deed, heb ik wat gas terug genomen. Het allereerste opgejaagde gevoel en de onwennigheid van de situatie staan nu niet meer zo op de voorgrond. Zoals van alles en nog wat een foto maken, van alles en nog wat uitproberen in de keuken. Het Griekse Paasbrood was het laatste. Het zag er niet uit maar het smaakte wel zo, tot het rode hard gekookte ei toe.
Mijn keukenactiviteiten beperken zich tot de dagelijkse beslommeringen waarin chocolade momenteel een belangrijke plaats heeft.
Het creatieve dagboek van Sarah Timmermans doe ik nog op momenten dat ik een aanloop nodig heb naar schrijven in kleur. Ik schreef er hier al over (zie net voor de foto). Het is een fijn houvast en intussen heb ik de penselen al meermaals werk bezorgd. Ik heb er zelfs een halve slaapkamer voor ingericht, mijn ‘atelier voor woord en kleur’ (of zoiets, het is nog niet gedoopt).
de spiegel is wel blijven hangen
Ik begeef me traag en bibberachtig op teken- en schilderterrein en dat is wel licht. Het maakt plaats in mijn hoofd. Ook al doe ik het niet elke dag.
Schrijfmeditatie, volgens Joey Brown doet het ook nog steeds bij mij. Hier schreef ik ook al enkele keren, bijvoorbeeld hier.
Morgen heb ik de laatste les in schrijven ‘Vijf ingrediënten voor een straf verhaal’. Dat waren er één fysiek aanwezig in lang vervlogen tijden en vier online. Vorige week was hilarisch. Het ging over humor ten tijde van corona. Ik ben eens flink van leer gegaan. Iedereen had er blijkbaar behoefte aan om onbeschaamd zijn of haar gal te spuwen. Onze docente kon er ook mee lachen. Gelukkig maar want dat was de bedoeling.
Intussen vond ik in mijn hoofd nog een luchtballonnetje dat terug is om inkt te laten vloeien, zie hier mijn schrijfsel. Zo u wenst, neem even pauze of een drankje 😉
De vloek
Laten we het eens over vloeken hebben. U weet wel, die woorden die frustratie uitdrukken, die je liefst niet uitroept waar kinderen bij zijn en al zeker niet uit een kindermond hoort komen.
Het komt onverhoeds, het overvalt me en naar ik opmerk, iedereen. Plots is er de vloek. Het beest in ons is los. Het hekje zat al fragiel. De kooi van machteloze opsluiting, frustrerende verdicten van berichten rondom ons onze oren heenslaand.
Hoe vaak zou ik al aan dat hek hebben gerammeld? Geluidloos geschreeuwd in eenzaamheid. Niet zozeer omdat ik alleen ben, eens temeer omdat ik me alleen vóel. Niemand begrijpt me! Help!
Maar ik maak deel uit van die maatschappij waar nu eenmaal, of eerder meermaals, de normen van het goed fatsoen gelden. Het is nu eenmaal wat het is. Volhouden!
Toch, soms is de boog net iets té gespannen, ongemerkt, dat wel. Als er dan heel veel aan die kooi gerammeld wordt, het hekje bijna losgeschud, is er ei zo na niet veel meer nodig om de boog helemaal te laten knappen. Een teenstoot, een kopstoot, een spierkramp, helaas mijn schrijfspier, zelfs een berichtje dat ik net iets anders interpreteer, kan me over de schreef trekken.
Dat hek vliegt open, ik vermorzel het en laat me – voor even weliswaar – ongegeneerd gaan in een woordenstroom die zelfs de zatste smeerlap doet blozen. Ik ken zo niemand, maar dat doet niet ter zake.
Tot het moment dat ik een ‘nieuwe’ vloek vloek en van mezelf versteld sta. Ik voel de geknapte boog lossen en val neer in de zetel, krijg onbedaarlijk de slappe lach om het simpele woord dat voor mij als actuele vloek kan dienen: SSSSNOT !
Enne … zakdoek voor de mond en daarna handen wassen en tanden poetsen.
Fictie schrijven is iets dat ik nog maar pas ontdekt heb. Zoals ik min of meer in mijn blog van gisteren beloofd had, hierbij een verhaal. Ik koos er eentje dat al aan de feedback werd onderworpen.
Momenteel ben ik aan het zweten over een ander verhaal. Dat vertel ik hier nog niet. Dat verhaal moet dienen voor een wedstrijd. Die wedstrijd heeft als deadline 19 april, dit jaar. Ik geef hierbij de link. Wat laat, ik weet het. Blijkbaar voldoe ik nog steeds aan een kenmerk van een ‘heuse’ schrijver, uitstelgedrag. Stel dat u toch nog in laatste instantie een hoop inspiratie opdoet en ook uw pennenvruchten wil insturen, ziehier de link. https://entries3.wixsite.com/schrijfretraites/wedstrijd. Veel geluk!
Nu mijn andere verhaal, dat komt uit mijn eerste schrijfcursus ‘Starten met schrijven’: de opdracht was om terug te gaan naar onze kindertijd en na te denken over wat we later wilden worden en daarover dan een scène schrijven. Fictie of waarheid? 😉
Haar glimlach verbreedde toen nonkel Mon zei dat ze talent had om piano te leren spelen. Met blozende wangen van plezier, speelde Maartje het eenvoudige kinderliedje nog een keer. De omzittenden zongen mee, ‘Broeder Jacob, broeder Jacob …’ Ze genoot zichtbaar en haar favoriete oom werd haar meest toegewijde fan. Het zingen ging nog even door, afgewisseld met mopjes vertellen en vrolijke raadseltjes oplossen. Zo in het middelpunt van de belangstelling voelde ze zich in haar nopjes. ’s Nachts droomde ze haar eigen komende succes.
De volgende dag in de klas, vertelde de juf over beroepen. Dat triggerde haar wel. Nog half dromend over de vorige avond, waarin ze zich een beroemde ster voelde met nonkel Mon als haar grootste fan, antwoordde ze enthousiast ‘pianospeler’, toen het haar beurt was om te antwoorden op de vraag wat ze later wilde worden.
De hele klas schoot in de lach en zelfs de juf moest haar best doen om zich in te houden. Ze keek een beetje beteuterd rond. Haar klasgenootjes vonden haar soms een beetje raar, maar wel altijd grappig.
‘Gisteren was het juffrouw’, ‘vorige week wilde ze nog mensenhelper worden’ of ‘klerenmaakster’ … werd er zacht gefluisterd. Maartje was het wel gewoon. Ze had meestal ook genoeg aan zichzelf en haar dromen. Ze zweeg, bleef in haar eigen wereld, waar nog net genoeg plaats was om de les te volgen.
‘Misschien,’ dacht ze, ‘misschien moet ik eerst maar eens groot worden.’
ps. die foto ben ik, het doet me denken aan een regel in een Grieks lied. Wie het denkt te weten, mag me trakteren op een afhaaletentje 😉
Iedereen – zo lijkt het toch – is bezig met zichzelf profileren. Tot mijn (niet zo grote, ik geef het toe) schaamte, overprikkelt en verlamt het mij. Ik doe niet mee aan boodschappen doen, niet mee aan mondmaskers naaien of schorten (u zou ze echt niet willen, vertrouw me graag op dat vlak). Ook niet aan al de dingen die mij zogenaamd uit de verveling moeten houden. Alstublieft zeg, ik weet nu al niet waar mijn hoofd stopt en mijn hals begint, zo vol zit dat ‘wijze’ lichaamsdeel van mij. Al heb ik wel veel respect voor diegenen die het wel doen en volhouden. Natuurlijk heb ik het niet over diegenen waarvoor geapplaudisseerd wordt.
Het zijn inderdaad geen gewone tijden, maar was het dat dan ooit? De verwarring is groot, blogs zijn al vol geschreven over de maatregelen t.o.v. de schade die ze toch ook zullen veroorzaken (of al flink bezig zijn). Velen overtuigd van hun eigen gelijk. Het maakt dat ik in mentale quarantaine ga. Mijn hoofd wil rust! Ik voel me verlamd bij opiniemakers, alsof ik me moet integraal aansluiten bij het ene of het andere.
Wat het wel met me deed, doet en zeker nog zal doen is een weg vinden in dit doolhof van gedwongen en een beetje zelfgekozen egoïsme. Daar schaam ik me niet voor. Ik doe wat ik doe, zowel voor mezelf als voor een ander. Pas als ík het nodig vind, vertel ik er over. Het brengt me in contact met interessante mensen, met interessante verhalen en nog een keer met mezelf.
Wat brachten me de laatste weken concreet bij?
Verhalen, gedichten (of dat wat erop lijkt), bewandelen van de weg naar verbinding met de natuur die ik zo hard kwijt was, dat ik zelfs niet meer voelde dat ik het miste.
Dichtbij op plaatsen waar ik nog niet geweest ben
Waar haal ik die verhalen? Mits heel goede begeleiding, interactieve online workshop met Anna Walschaerts van Wisper die er schrijfdocente is. Het is een ware ontdekkingstocht. Ik wist niet dat ik zoveel fictieve verhalen in me had. Wat me echt verbaast, is dat ze goed onthaald worden. Mits wat bijschaving natuurlijk. Gelukkig, vind ik zelf. Ik heb nagenoeg geen ervaring in fictie schrijven en een beetje tips en goede raad van echte kenners, zijn dan helemaal welkom. Ik zal in een aparte blog eens wat delen. Geduld a.u.b.!
Schrijven is iets dat me wel goed gaat tegenwoordig. Of het goed en leesbaar is, laat ik aan de lezer over. Voorlopig beleef ik er plezier aan. De ontwikkeling die ik voel, blijft me kriebelen om er meer mee te doen. Daarom grijp ik nu elke schrijfervaring aan. waar ik kan, volg ik workshops zodat ik van het één en ander eens flink kan proeven. Columns en blogs zitten ook nog in mijn emmertje, zo u liever wil staan ze op mijn verlanglijstje.
Het schrijven wordt ook onrechtstreeks getriggerd door de oefeningen van het Creatief Dagboek. Ik heb nl. éénendertig maal dagelijkse opdrachten en een volledige live stream workshops hiervan gevolgd. Het was een initiatief van Sarah Timmermans. Ik schreef er deze recensie bij.
D.I.Y. is hier de leuze. Afgrijselijk druk van mijn kop op papier (en lekker buiten de lijntjes)
Mijn beweging! De ene keer is het toch wel in corontaine. Ik zet een Griekse plaat op en begin erop te dansen. Het voelt veel beter aan dan intensief beginnen poetsen, of wat dacht u? Hopelijk hebben de buren er niet al teveel last van want ik heb dan ook nog de neiging om mee te zingen. Dat zingen doe ik ook wel eens tijdens het beoefenen van dat Creatieve Dagboek.
Behalve dat dansen en af en toe poetsen, ga ik nog regelmatig wandelen. Een uurtje of soms iets langer. Fietsen doe ik ook nog, maar ik merk dat het er alleen van komt als ik echt ergens heen ‘moet’, dat verder dan wandelafstand ligt. Zo had ik woensdag een afspraak en fietste daarna nog naar nergens. Verfrissend, al zeg ik het zelf.
Vandaag kwam ik een aaneenschakeling van gedichten tegen op mijn wandeling. Heel origineel gevonden, vooral de boodschap om het verder aan te vullen. Een dichter op de fietsbrug. Ik ga op zoek naar krijt. Zal ik in het Grieks schrijven dan?…
Enkele voorbeelden … het is een aaneenschakeling van mooie zinnen
Ik schreef nog iets anders, iets dat me bezig hield. Deze corontaine dwingt me een beetje om het een en ander in mezelf nog eens te bekijken, zien wat het met me doet. Ik kon het niet loskoppelen van de Aarde, onze manier van leven, onze verscheidenheid, en nog meer. Ik schrijf wel ‘onze’ maar ik heb vooral binnenin mezelf gekeken. Misschien is onderkennen en zelfs koesteren van wat is en het dan een plaats geven een stapje uit de chaos van ons brein? Mij hielp het om tot mentale rust te komen. Een beetje aanschouwend kijken naar wat deze situatie met mij doet. Aanschouwen.
Vandaag werd ik wakker toen de klok van de kerktoren zeven uur sloeg. Zeven slagen en ik dacht: ‘Mijn God, wééral zeven uur. Elke dag rond deze tijd, stipt eigenlijk, is het zeven uur.’
Ik deed wat ik deed, mijn ochtendritueel, maar laat ik je daar maar niet mee vervelen. Dat heb je de laatste dagen al zo vaak moeten horen, lezen. Je zou van minder dyslectisch willen worden.
Toen ik mijn living binnenkwam, zag ik dat de kartonnen paaseitjes nog aan dat lintje hingen voor het raam. In paniek wilde ik ze er al vanaf trekken met de gedachte wanneer was dat ook alweer, Pasen? Oh ja, dat was pas gisteren. Ik heb ze dan nog maar wat laten hangen.
De volledigheid gebiedt me om je te vertellen, mijn dagboek, dat ik gisteravond nogal druk bezig was met series te bekijken. Zo heb ik “The Bridge” seizoen 4 eindelijk helemaal gezien. Dan stond er ook nog “Flikken Rotterdam” seizoen 1 in de lijst opgenomen programma’s. Helaas deden mijn ogen toch wat te pijn en heb ik het stil gezet.
Dan maar mijn pyjama alvast aangedaan, mijn tanden gepoet… ‘Wàt zeg je?’
‘Saaaaiiii!’
‘Maar toen heb ik iets anders gedaan, toen het avondritueel voorbij was, ik ben nog niet gaan slapen.’
‘Allez, vertel maar.’ Oef, als een dagboek al geen geduld meer heeft …
‘Ik heb het cryptogram van de Standaard van dit weekend HELEMAAL ingevuld!’
‘Wat!? Jíj?’
‘Euhm, JA!’ Seg hè, nu gelooft mijn eigen dagboek me niet meer.
‘Foto?’ Zie je wel?
‘’t Is nog waar ook.’ Waarom gelooft me nu nooit eens iemand? Altijd die controle, seg hè!
Ik ben ook gaan wandelen gisteren voormiddag. Ik vermoedde wel dat het later in de dag drukker ging worden en lap! Vandaag wordt er al verteld dat we te laks aan het worden zijn. Maar, liefste dagboek, 23 op 24 in mijn kot. Met intervallen van 24 op 24, is dat dan verkeerd? Toch een beetje veel blij geworden. Ik heb de boterbloem ontdekt.
…
‘Dagboek !’
…
Jaja, ik zal wel aan mijn huiswerk gaan werken. Het zit al in mijn hoofd, dat is toch al veel. De grote lijnen toch.
Tot straks dan maar … ?
….
😉 leve de onzin zo af en toe. Oh en die foto hierboven? Dat is de eerste boterbloem die ik zag!